MH17: как и кто?

Информация о пользователе

Привет, Гость! Войдите или зарегистрируйтесь.


Вы здесь » MH17: как и кто? » Суд » Новости: Суд.


Новости: Суд.

Сообщений 61 страница 82 из 82

1

https://www.courtmh17.com  Архиввидео трансляций https://www.courtmh17.com/zittingsdagen.html

Судебные дни
Окружной суд Гааги выделил сроки для судебного разбирательства по делу MH17 в Судебном комплексе Схипхол (JCS). Суд зарезервировал эти периоды, чтобы обеспечить место для проведения слушаний по делу MH17.

Пока не известно, будет ли суд заседать каждый день. Обстоятельства могут потребовать, чтобы слушания были сокращены, перенесены, приостановлены или даже отменены.

9–13 марта 2020 года (слушания 9–10 марта 2020 года)
23–27 марта 2020 года (слушание 23 марта 2020 года)


С 8 по 12 июня 2020 года
15-19 июня 2020 г.
С 22 по 26 июня 2020 года
С 30 июня по 3 июля 2020 года


С 31 августа по 4 сентября 2020 года
7-11 сентября 2020 г.


С 28 сентября по 2 октября 2020 года
5-9 октября 2020 г.


2-6 ноября 2020 г.
9-13 ноября 2020 года


5 сессия - 15-16 апреля 2021

https://a.radikal.ru/a12/2104/d3/a458f358a882.png

61

Назначены дополнительные слушания в четверг, 22 апреля 2021 г., начало в 13:30 (14:30 Киев, Москва)  по центральноевропейскому летнему времени.
Слушание возобновится в четверг, 22 апреля 2021 г., в 13:30 по центральноевропейскому летнему времени.

62

https://www.courtmh17.com/nieuws/2021/r … -2021.html
Resume van de dag 15 april 2021
Vandaag is een nieuw zittingsblok van start gegaan. Aan de orde is geweest wat de stand van zaken is van het nadere onderzoek bij de rechter-commissaris. Ook is gesproken over de eerdere vordering van het Openbaar Ministerie tot het houden van een schouw. Daarnaast is gesproken over de afgelopen weekend door het programma Nieuwsuur uitgezonden reportage, waarin duidelijk is geworden dat Nieuwsuur beschikt over vele afgeluisterde telefoongesprekken die zouden zijn gevoerd door een verdachte in deze strafzaak. Onderwerp van gesprek is verder geweest de inmiddels ingediende vorderingen tot schadevergoeding van nabestaanden en het uitoefenen van het spreekrecht.

Nader onderzoek rechter-commissaris
De rechter-commissaris heeft voor deze zitting schriftelijk aangegeven hoe het staat met het nog te verrichten onderzoek. Een deel van dat onderzoek is afgerond. De resultaten daarvan zullen aan het dossier worden toegevoegd. Het overige onderzoek is nog gaande, zoals een onderzoek naar de mogelijkheden om van de autoriteiten van de Verenigde Staten van Amerika satellietbeelden beschikbaar te krijgen. Ook wordt bijvoorbeeld nog gewacht op een reactie op de nodige rechtshulpverzoeken die zijn uitgegaan naar de Russische Federatie en Oekraïne om een aantal getuigen te horen.

Vordering tot een schouw
Het Openbaar Ministerie blijft bij het eerder gedane verzoek tot het houden van een schouw. Een schouw heeft volgens het Openbaar Ministerie een duidelijke meerwaarde bij de beoordeling omdat de schade beter zichtbaar is in het echt dan op papier of in een 3D-scan. De verdediging erkent dat het schadebeeld cruciaal is voor de berekeningen en bevindingen van de deskundigen, maar ziet niet goed in welke bijdrage een schouw zou kunnen leveren aan de door de rechtbank te nemen beslissingen, omdat zelfs de deskundigen het niet eens zijn over hoe de schade moet worden geduid. Als de rechtbank beslist tot een schouw, meent de verdediging dat ook de wrakstukken aanwezig moeten zijn die de deskundigen verdeeld houden.

Tapgesprekken
Vanuit haar verantwoordelijkheid voor het dossier in deze strafzaak is de rechtbank nagegaan of de afgeluisterde tapgesprekken die afgelopen weekend onderwerp waren van de reportage van het programma Nieuwsuur, uit het dossier van deze strafzaak zouden kunnen zijn verkregen. Dat blijkt niet het geval te zijn, waarmee de bron van die tapgesprekken onduidelijk blijft. De verdediging plaatst daar vraagtekens bij. Zij wil dat de rechtbank het Openbaar Ministerie opdraagt onderzoek te verrichten naar hoe de tapgesprekken in handen zijn gekomen van Nieuwsuur.

De verdediging heeft ook verzocht om inzage in alle beschikbare bestanden en data van de afgeluisterde gesprekken waarover het Openbaar Ministerie (of andere leden van het JIT) beschikt. Zij acht die tapgesprekken van belang om aan te tonen dat haar cliënt niet de rol heeft vervuld die hem door het Openbaar Ministerie wordt toebedeeld.

Vorderingen tot schadevergoeding
Op 13 april 2021 zijn door 290 nabestaanden vorderingen tot schadevergoeding ingediend. Het rechtsbijstandsteam heeft een algemene toelichting gegeven op deze vorderingen en de keuzes die daarin zijn gemaakt. Zo is er met de nabestaanden voor gekozen om enkel de vergoeding van smartengeld te vorderen. Voor het bepalen van de hoogte van die vorderingen is gebruik gemaakt van vaste bedragen van € 40.000,- tot € 50.000,- per nabestaande per slachtoffer, afhankelijk van het soort relatie/band tussen nabestaande(n) en slachtoffer(s).

De verdediging acht zich vanwege de complexe vragen en de achtergrond van het Oekraïense en/of internationale recht, waarvoor bijzondere expertise nodig is, niet in staat verweer op de vorderingen te kunnen voeren. Zij heeft de rechtbank verzocht te beslissen of de vorderingen door de rechtbank kunnen worden behandeld in deze strafzaak. Het rechtsbijstandsteam heeft aangegeven juist met de nabestaanden te hebben gekozen voor het indienen van beperkte en overzichtelijke vorderingen om te voorkomen dat de rechtbank daar in deze strafzaak geen beslissing over zou kunnen nemen. Wat het Rechtsbijstandsteam betreft is het feit dat Oekraïens recht van toepassing zou zijn op de beoordeling van de vorderingen, geen reden om in deze strafzaak niet over de vorderingen te beslissen, omdat expertise ingewonnen kan worden.

Spreekrecht
De nabestaanden hebben aangegeven ruim van te voren duidelijkheid te willen over wanneer zij van hun spreekrecht gebruik kunnen maken. De rechtbank heeft laten weten dat als de inhoudelijke bespreking van het dossier plaats vindt in juni/juli 2021, de nabestaanden die willen vertellen welke gevolgen het neerstorten van MH17 heeft gehad voor hun leven, het spreekrecht kunnen uitoefenen in het zittingsblok van september 2021. De nabestaanden die zich ook uit willen laten over het bewijs, zouden hun spreekrecht dan later uit kunnen oefenen, als het onderzoek bij de rechter-commissaris is afgerond en is besproken op zitting.

Verdere verzoeken verdediging
De verdediging heeft nog een aantal verzoeken ingediend, zoals het (nader) horen van NFI-deskundigen en een deskundige van Almaz-Antey en het horen van twee getuigen ten aanzien van wie de rechtbank een eerder verzoek heeft afgewezen. Ook wenst zij dat de al door de rechter-commissaris gehoorde deskundigen van het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum en het Royal Military Academy de informatie verstrekken die ze naar aanleiding van vragen van de verdediging bij de rechter-commissaris nog moesten uitzoeken.

63

Summary of the day, 16 April 2021
Today the public prosecution service, defence counsel and counsel for the relatives all responded to each other about the requests submitted yesterday by defence counsel and counsel for the relatives. Today the court decided as follows on the requests relevant to progress in the investigation to be conducted by the investigating judge and on the request from the public prosecution service to arrange an inspection.
Additional questions to the expert from Almaz-Antey
Defence counsel has requested permission to ask the expert from Almaz-Antey more questions that could not be asked previously. This expert was interviewed by the investigating judge for four days, giving defence counsel ample opportunity to question this expert before. Next week this expert, as well as the expert from the Netherlands Aerospace Centre and the Royal Military Academy, will be questioned together for three more days. If time remains at the end of this examination, the investigating judge may give defence counsel the opportunity to ask the remaining questions. If no time is available for this, these questions may be put via the investigating judge to the expert and answered in writing.

Inspection
The court has determined that an inspection of the reconstruction of the MH17 will take place on 26 May 2021. The court believes that direct observation is necessary, because this will enable the court to see directly the findings arising from the investigation of the damage pattern, the nature and concentration of the damage and the location of the soot deposits.

Only a limited number of persons will be able to attend this inspection. This is because of the location where the inspection will take place, on a military and secure site, in a hangar of modest size. In addition, COVID-19 measures may still be in effect. A limited number of press representatives will be allowed, but the inspection will not be open to the public. The court will provide livestream coverage.

The way forward
The hearing will resume on 22 April 2021 at 13.30 hours. At that point the court will decide on the requests pending.

The next hearing will be on 21 May 2021. The court will adopt an agenda for the inspection, indicating which parts of the reconstruction and which pieces of wreckage will be inspected on 26 May 2021.

64

https://twitter.com/CourtMH17/status/13 … 1977167872
Инспекция реконструкции MH17 и обломков будет проведена в среду, 26 мая 2021 года. За инспекцией можно будет следить в прямом эфире. Начало в 10:00 по центральноевропейскому летнему времени ( CEST) Киев, Москва - 11:00

65

https://twitter.com/CourtMH17/status/13 … 8067117057
Сессия возобновится в понедельник 7 июня 2021 года.

66

https://www.courtmh17.com/en/news/2021/ … -2021.html
Hearings in the cases against all the accused will resume on 7 June 2021 at 10.00 hours. On that day the hearing on the merits will begin in the MH17 criminal proceedings.

More general topics will be covered on that first day. The investigation by the examining magistrate will be discussed, and remarks may be made about the inspection. The court will also deliver an introduction to the discussion of the case file over the following days.

The court open the MH17 criminal trial proper and, through examining and discussing the content of the prosecution file, to elucidate the key questions which it has already begun to address:

•    Was flight MH17 shot down by a BUK missile?
•    Was a BUK missile fired from an agricultural field near Pervomaiskyi?
•    Did the accused play a role in this?

The personal circumstances of the accused will also be discussed insofar as relevant information is available in the prosecution file.

The court is expected to be able to discuss the case file in three days, on 8, 9 and 10 June 2021. In the process, the court will conduct a summary discussion of the documents in the case file. Friday 11 June 2021 has been scheduled as an extension day.

Afterwards the prosecution will have the opportunity to discuss sections of the case file on 17 and 18 June 2021. The defence may subsequently be given the opportunity to discuss sections of the case file they deem relevant. The block of hearings will continue through 9 July 2021.

In September 2021 the relatives shall be granted the opportunity to address the court.

67

https://www.courtmh17.com/nieuws/2021/r … -2021.html
Итоги дня, понедельник, 7 июня 2021 г.
Start inhoudelijke behandeling, stand van zaken onderzoek rechter-commissaris, terugblik schouw.
Vandaag is de inhoudelijk behandeling van het strafproces MH17 van start gegaan. Op deze eerste dag is onder meer gesproken over de stand van zaken van het onderzoek bij de rechter-commissaris en is kort teruggeblikt op de schouw. Ook heeft de rechtbank een inleiding gegeven op de bespreking van het dossier de komende dagen.

Nader onderzoek rechter-commissaris
De rechter-commissaris heeft voor deze zitting weer schriftelijk aangegeven hoe het staat met het nog te verrichten onderzoek. Dat onderzoek is nog niet geheel afgerond.

De rechter-commissaris heeft laten weten dat zij (uitgebreide) verzoeken heeft ingediend bij de autoriteiten van de Verenigde Staten van Amerika voor het beschikbaar stellen of inzien van satellietbeelden, al dan niet onder bepaalde voorwaarden. Het gaat om satellietbeelden van een lancering op 17 juli 2014 van een (BUK-)raket vanuit een locatie ten zuiden van Snizhne, welke satellietbeelden kennelijk bij de Amerikaanse autoriteiten beschikbaar zijn. Die autoriteiten hebben verwezen naar een eerder door hen opgesteld memorandum uit 2016 en hebben laten weten vanwege ‘the obligation to protect intelligence sources and methods’ geen aanvullende informatie te kunnen verschaffen. De rechter-commissaris ziet in redelijkheid geen mogelijkheid meer verder uitvoering te geven aan de opdracht van de rechtbank om de satellietbeelden op te vragen of bepaalde gegevens daaromtrent in te zien en te beoordelen.

Beeldverslag en foto’s schouw
De uitvoering van de schouw op 26 mei 2021 heeft plaats kunnen vinden zoals gepland. Van die schouw is een beeldverslag en van wrakstukken zijn foto’s gemaakt die onderdeel uitmaken van het (belastende of ontlastende) bewijs.

Stukken voegen in dossier
Het Openbaar Ministerie heeft verzocht stukken aan het dossier toe te voegen. De verdediging heeft zich tegen het voegen van een aantal van deze stukken verzet omdat die niet neutraal of objectief zouden zijn. De rechtbank heeft beslist dat deze stukken wel zullen worden toegevoegd aan het dossier. Het gaat namelijk om zogenaamde visualisaties van (in een door het Openbaar Ministerie gekozen vorm bijeen gebrachte) stukken die zich al in het dossier bevinden. Ook in het toevoegen van een overzicht van inzageverzoeken ziet de rechtbank geen belemmering, omdat dat overzicht alleen informerend van aard is en geen bewijs vormt.

Vorderingen tot schadevergoeding nabestaanden
Op dit moment zijn namens 299 nabestaanden vorderingen tot schadevergoeding ingediend. De rechtbank heeft termijnen bepaald waarop de verdediging, het Openbaar Ministerie en het Rechtsbijstandsteam zich schriftelijk over die vorderingen uit kunnen laten. Die vorderingen zouden verder besproken kunnen worden in het zittingsblok van september 2021, als de nabestaanden die dat willen ook hun spreekrecht kunnen uitoefenen.

Inleiding inhoudelijke behandeling
De rechtbank heeft toegelicht hoe de bespreking van de stukken in het procesdossier er de komende dagen uit zal komen te zien.

Bij de bespreking van de stukken is de rechtbank gebonden aan de verwijten die het Openbaar Ministerie de verdachten maakt (de tenlastegelegde feiten). De rechtbank zal uiteindelijk moeten beslissen of de verdachten zich aan deze feiten schuldig hebben gemaakt. Daarbij zal zij de volgende vragen moeten beantwoorden:

Is vlucht MH17 neergeschoten met een BUK- raket?
Is een BUK-raket afgevuurd vanaf een landbouwveld nabij Pervomaiskyi?
Hebben de(ze) verdachten daarbij een rol gehad?
De stukken die zien op deze vragen, zal de rechtbank in hoofdlijnen en op een neutrale manier bespreken. Dat betekent dat zij de korte inhoud van die stukken mee zal delen. Waar de rechtbank conclusies of aannames bespreekt, gaat het om conclusies en aannames van het onderzoeksteam in de uitvoering van het opsporingsonderzoek. De rechtbank zal daarbij niet vertellen of zij die conclusies deelt en of zij onderzoeksbevindingen in het voordeel of in het nadeel van de verdachten vindt wegen. Dat is te zijner tijd in het vonnis te lezen.

Morgen
De rechtbank heeft de zitting onderbroken tot morgenochtend 10.00 uur. Dan zullen de stukken in het dossier die zien op de vraag of vlucht MH17 is neergeschoten met een BUK-raket worden besproken. Mogelijk kan morgen ook al een begin worden gemaakt met het bespreken van de vraag naar de afvuurlocatie.

68

https://www.courtmh17.com/nieuws/2021/r … -2021.html

Resumé van de dag 8 juni 2021
Bespreking: Is vlucht MH17 neergeschoten met een BUK-raket? Is een BUK-raket afgevuurd vanaf een landbouwveld nabij Pervomaiskyi?

De rechtbank heeft vandaag stukken uit het dossier besproken die zien op de door de rechtbank te beantwoorden vraag of vlucht MH17 is neergeschoten met een BUK-raket. Daarna is een aanvang gemaakt met het bespreken van de stukken die van belang zijn voor de daarop volgende vraag, namelijk of een BUK-raket is afgevuurd vanaf een landbouwveld nabij Pervomaiskyi.

Vraag 1: Is vlucht MH17 neergeschoten met een BUK-raket?
Nadat vlucht MH17 op 17 juli 2014 was neergestort, is onderzoek gedaan naar verschillende mogelijke oorzaken. Andere oorzaken dan een aanslag, zoals technisch falen van het vliegtuig of een blikseminslag, zijn onderzocht, maar een ongeval is door het onderzoeksteam uitgesloten. Het strafrechtelijk opsporingsonderzoek heeft zich daarom gericht op de vraag welk soort aanval heeft geleid tot het neerstorten van MH17.

In het strafdossier komen verschillende mogelijke scenario’s aan de orde. Die scenario’s gaan er alle vanuit dat sprake is geweest van een explosie. Maar was dat dan een explosie binnen (als gevolg van een aanslag van binnen) of buiten het vliegtuig? En als het van buiten kwam, wat was dan de oorzaak van de explosie? Een aanval door een gevechtsvliegtuig (air-to-air) of een wapen vanaf de grond (surface-to-air)? Om welk wapen zou het kunnen gaan?

Hoofdscenario: aanval met een BUK-raket
In het strafdossier is het scenario dat vlucht MH17 is neergestort als gevolg van een aanval met een BUK-raket als hoofdscenario aangemerkt.

De rechtbank heeft verteld dat het strafdossier stukken bevat waarin de werking van een BUK-raket wordt uitgelegd en die werking besproken. Ook zijn stukken aan de orde gekomen waarin de verschillende typen en daarmee de verschillende mogelijke eigenschappen (zoals de kleur van de raket en de vorm van staalfragmenten in de springlading) van BUK-raketten worden besproken. Zo wordt een onderscheid gemaakt tussen een raket van het type 9M38 en het nieuwere type 9M38M1. Hoewel dit niet met zekerheid vast staat, omdat het niet in officiële documenten is vastgelegd, is de raket van het type 9M38 geschilderd in een witte kleur en de raket van het type 9M38M1 in een groene kleur met een witte keramische neus. Volgens de fabrikant Almaz-Antey draagt de raket 9M38 standaard een warhead (springlading) 9N314 met twee typen voorgevormde staalfragmenten (vierkante en een zogenaamde vuller) en bevat een nieuwer type warhead 9N314M drie typen voorgevormde staalfragmenten (namelijk een tegelvormig fragment, een staafvormig fragment en een typerend vlinderdasvormig fragment).

Het strafdossier bevat verder resultaten van onderzoek naar de schade aan de wrakstukken van het MH17-vliegtuig, waarvan delen zijn opgenomen in de reconstructie die staat op de vliegbasis Gilze-Rijen. De rechtbank heeft die resultaten besproken. Het gaat dan onder meer om resultaten van onderzoek naar de plaats van de schade, de begrenzing ervan en het soort schade (zoals doorborende schade, schampschade en schade door brand). Daaruit volgt onder meer dat de schade is geconcentreerd aan de linker bovenkant van de cockpit en dat het schadebeeld bestaat uit honderden kleine en grotere doorboringen, waarbij het plaatmateriaal naar binnen is gebogen. De waargenomen schade heeft volgens het opsporingsteam duidelijk een oorsprong buiten het vliegtuig. Uit verschillende onderzochte vliegtuigonderdelen volgt dat daarin kraters of perforaties zitten die zijn veroorzaakt door de inslag van staal.

Deskundigen van het Nederlands Lucht en Ruimtevaartcentrum (NLR), de Royal Military Academy (RMA) en Almaz-Antey hebben de schade aan de wrakstukken gezien en beoordeeld. Ook delen van hun bevindingen en de verklaringen die zij hebben afgelegd bij de rechter-commissaris zijn door de rechtbank genoemd.

Verder zijn voorwerpen en fragmenten die in delen van het MH17-vliegtuig, in lichamen van de inzittenden en op de crashsite zijn aangetroffen, onderzocht. Die voorwerpen en fragmenten zijn onder andere vergeleken met referentiemateriaal. Dat is materiaal dat afkomstig is van ontmantelde en (andere) tot ontploffing gebrachte (onderdelen van) BUK-raketten van eerder genoemde twee typen. De rechtbank heeft verschillende voorwerpen besproken waarvan uit een vergelijking met het referentiemateriaal in het opsporingsonderzoek het vermoeden is ontstaan dat deze voorwerpen afkomstig zijn van een BUK-raket.

Alternatieve scenario’s: aanslag van binnenuit, aanval door een gevechtsvliegtuig en een aanval met een ander grond-luchtdoelraket dan een BUK-raket
Door het onderzoeksteam is onderzoek gedaan naar andere mogelijkheden voor een aanval op het MH17-vliegtuig, te weten een aanslag van binnenuit, een aanval door een gevechtsvliegtuig (air-to-air) en een aanval met een ander surface-to-air systeem dan een BUK-raket.

Het onderzoek naar een aanval van binnenuit heeft zich beperkt tot de vraag of het mogelijk is dat een explosief in het vliegtuig het neerstorten van het MH17-vliegtuig heeft veroorzaakt. Mede vanwege een analyse van de Cockpit Voice Recorder, waarop kort voor het stoppen van de opname een van buiten komende geluidsgolf met een hoge frequentie is opgemerkt, en het onderzoek aan de wrakstukken, heeft het onderzoeksteam geconcludeerd dat een aanslag van binnenuit niet aannemelijk is.

Voor een aanval door een gevechtsvliegtuig waren diverse aanwijzingen, zoals verklaringen van getuigen en getapte telefoongesprekken. Deze aanwijzingen zijn onderzocht in het opsporingsonderzoek, waarvan de resultaten door de rechtbank zijn besproken. Onderdeel daarvan is bijvoorbeeld een rapport afkomstig van de Russische Federatie over een niet geïdentificeerd gevechtsvliegtuig (vermoedelijk een SU-25 of een MIG-29) dat het vuur zou hebben geopend op de cockpitcabine van het MH17-vliegtuig. Het onderzoeksteam heeft geconcludeerd dat dit rapport wordt onderbouwd met bronnen waarvan de waarde niet evident is of die zelfs feitelijk onjuist zijn. Verder maken onder andere een ambtsbericht van de Nederlandse Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst (MIVD) over de vraag of het MH17-vliegtuig kan zijn aangevallen door luchtdoelraketten onderdeel uit van het strafdossier. De analyse van de Cockpit Voice Recorder en de Flight Data Recorder geven geen indicatie van de aanwezigheid van een SU-25 en het schadebeeld op het wrak komt niet overeen met schade die zou zijn ontstaan door een aanval door een gevechtsvliegtuig, aldus de MIVD.

Als het gaat om de mogelijkheid dat het MH17-vliegtuig is aangevallen met een andere grond-luchtdoelraket dan een BUK-raket, is het onderzoek besproken dat is verricht naar de systemen die in gebruik zijn bij de Russische en Oekraïense strijdkrachten. Daaruit volgt dat twee andere systemen naast het BUK-systeem in aanmerking zouden kunnen komen voor het neerschieten van een passagiersvliegtuig, namelijk een 2K11-Krug en een S-300V. De aangetroffen delen van een raket op de crashsite zouden niet afkomstig kunnen zijn van deze systemen. Het onderzoeksteam heeft geconcludeerd dat niet aannemelijk is dat hiermee het MH17-vliegtuig is aangevallen.

Bij het onderzoek naar de mogelijke oorzaken voor het neerstorten van het MH17-vliegtuig is ook gebruik gemaakt van beschikbare radargegevens, die de rechtbank heeft besproken.

Vraag 2: Is een BUK-raket afgevuurd vanaf een landbouwveld nabij Pervomaiskyi?
De rechtbank is vandaag al begonnen met het bespreken van de stukken in het strafdossier die gaan over de vraag of een BUK-raket is afgevuurd vanaf een landbouwveld nabij Pervomaiskyi. Deze bespreking zal in het resumé van morgen, als alle stukken over deze vraag zijn besproken, worden opgenomen.

Morgen
De rechtbank heeft de zitting onderbroken tot morgenochtend 10.00 uur. Dan zal verder worden gegaan met het bespreken van de stukken in het dossier die zien op de vraag naar de afvuurlocatie.

Gepubliceerd op 8 juni 2021, 19:45 CET

69

https://www.courtmh17.com/nieuws/2021/r … -2021.html
Resumé van de dag woensdag 9 juni 2021
Bespreking vragen: Is een BUK-raket afgevuurd vanaf een landbouwveld nabij Pervomaiskyi? Hebben de verdachten daarbij een rol?

De rechtbank is vandaag verdergegaan met het bespreken van de stukken in het strafdossier die gaan over de tweede door de rechtbank te beantwoorden vraag.

Vraag 2: Is een BUK-raket afgevuurd vanaf een landbouwveld nabij Pervomaiskyi?
Hoofdscenario: de  BUK-raket is afgevuurd vanaf een landbouwveld nabij Pervomaiskyi
De rechtbank heeft de stukken in het dossier besproken die het onderzoeksteam hebben gebracht tot de conclusie dat de vermeende BUK-raket vanaf dit landbouwveld is afgevuurd.

De rechtbank heeft allereerst benoemd op welke wijze het afvuren van een BUK-raket vanaf een bijbehorende BUK-Telar in de omgeving kan worden waargenomen: bij het lanceren zal een steekvlam te zien zijn, een harde knal kan gehoord worden en een verticaal rookspoor kan onstaan dat zichtbaar zal zijn in de lucht. Het dossier bevat twintig getuigenverklaringen met betrekking tot waarnemingen die volgens het onderzoeksteam wijzen op een raketlancering vanuit de omgeving van Snizhne, Torez en Pervomaiske. De rechtbank heeft met name stilgestaan bij drie getuigen die verklaren dat zij vlakbij een raketlancering vanaf een landbouwveld nabij het dorp Pervomaiskyi waren. Vervolgens heeft de rechtbank een aantal foto’s van een rookspoor besproken die door getuigen op 17 juli 2014 rondom het tijdstip van het neerstorten van vlucht MH-17 zijn gemaakt. De rechtbank heeft ook stil gestaan bij een vergelijking van satellietbeelden van 16 juli 2014 en 20 en 21 juli 2014 door het onderzoeksteam en andere organisaties. Volgens het onderzoeksteam is het landbouwveld nabij Pervomaiskyi een bruikbare  locatie voor het lanceren van een BUK -raket en wordt voldaan aan drie andere belangrijke voorwaarden: de positie was in handen van de separatisten, de positie was bewaakt en er kon dekking worden gezocht. De rechtbank vermeldt dat ook een video is veiliggesteld vanaf de blog ukraine@war. Daarop is volgens het onderzoeksteam te zien dat een BUK-Telar op 17 juli 2014 tussen 13:00 en 14:00 uur vanuit Snizhne zuidwaarts rijdt in de richting van Pervomaiske en Pervomaiskyi. Het onderzoeksteam ziet verder bevestiging in zijn vermoeden dat het landbouwveld bij Pervomaiskyi de daadwerkelijke afvuurlocatie is, in afgeluisterde telefoongesprekken en een chatgesprek. In dat chatgesprek geeft een van de deelnemers aan het gesprek aan dat hij erbij was toen MH17 werd neergeschoten. Zendmastgegevens plaatsen zijn telefoon op 17 juli 2014 rondom het tijdstip van het neergaan van MH17 in de nabijheid van het veld bij Pervomaiskyi.

Alternatieve locaties
Amvrosiivka wordt in dit verband door twee getuigen genoemd. Deze locatie wordt door het onderzoeksteam verworpen, omdat deze plek – gelet op de reikwijdte van de BUK-raket – op te grote afstand zou liggen van het punt waar vlucht MH17 van de radar verdween en er ook overigens niets zou zijn dat deze locatie aanwijst.

Er zijn aanwijzingen die duiden op Zaroshchenske als afvuurlocatie. Deze locatie valt binnen de berekeningen van het afvuurgebied aan de hand van het schadebeeld door Almaz Antay, wordt door een getuige genoemd en er zouden satellietbeelden zijn die BUK-raketinstallaties laten zien in een veld bij Zaroshchenske op 17 juli. De rechtbank heeft het onderzoek besproken dat naar deze aanwijzingen zijn gedaan en aangegeven op grond van welke bevindingen het onderzoeksteam deze alternatieven heeft verworpen.

Berekening van het afvuurgebied door deskundigen
Het dossier bevat het verslag van deskundigen van NLR (Nederlands Lucht en Ruimtevaartcentrum), van het Belgische RMA (Royal Military Academy) en van het Russische Almaz Antey. De deskundigen van alle drie de organisaties hebben aan de hand van een deel van de schade op de wrakstukken van de MH17  berekend vanuit welk gebied die BUK-raket zou moeten zijn afgevuurd om deze schade te veroorzaken. De rechtbank heeft een toelichting gegeven op de uitgangspunten en de werkwijze van ieder van deze organisaties en aangegeven op welk gebied ze uitkomen. Ook is aangegeven wat de belangrijkste punten zijn waarop tussen de deskundigen overeenstemming bestaat en op welke punten zij van mening verschillen.

Overig onderzoek
De rechtbank vermeldt het onderzoek dat door het onderzoeksteam is verricht naar aanleiding van de melding van het Ministerie van Defensie van de Russische federatie dat de BUK-raket die vlucht MH 17 zou hebben neergehaald, in 1986 zou zijn geleverd aan een luchtverdedigingseenheid die na 1991 onderdeel is gaan uitmaken van de Oekraïense krijgsmacht.  Ook is onderzoek gedaan naar de verklaring van Almaz Antay dat zij sinds 1999 geen 9M38M1 raketten meer zouden hebben geproduceerd.

Vraag 3: hebben de verdachten daarbij een rol?
De rechtbank heeft vandaag een aanvang gemaakt met het bespreken van de stukken die betrekking hebben op de rol van de verschillende verdachten daarin mogelijk hebben gespeeld. Deze bespreking zal in het resumé van morgen, als alle stukken met betrekking tot deze vraag zijn besproken, worden opgenomen.

Morgen
De rechtbank heeft de zitting onderbroken tot morgenochtend 10:00 uur. Dan zal verder worden gegaan met het bespreken van de stukken die zien op de mogelijke betrokkenheid van de verdachten.

70

https://www.courtmh17.com/en/news/2021/ … -2021.html

Summary of the Day in Court Thursday 10 June 2021
The court discussed the case file: the third question: Did the accused play a role in the downing of MH17 on 17 July 2014?
Today is the third day on which the court discussed the case file. On 9 June 2021 it began discussing the third question: Did the accused play a role in the downing of MH17 on 17 July 2014? This part was concluded today and the hearing has been adjourned until Thursday 17 June 2021 at 10 AM CET.

Today the court again emphasized that the fact that the court is discussing the case file does not mean that the court agrees with the findings and the conclusions it contains. The view of the court will only be given in the final judgement that will be rendered at the end of these proceedings.

What are the charges against the accused?
The court first referred to the concrete accusations made by the Public Prosecution Service against the accused. These are that they expressed the need for and requested an air defence system with a crew; they indicated a suitable launching site for the BUK-TELAR; and they arranged for transport and guarding of the BUK-TELAR. Each of the accused apparently played a different role in this. This is included in the indictment.

The court gave a brief sketch of the accused.
The first accused, a Russian citizen, previously fought for the Russian armed forces in various wars. He eventually went to the city of Slavyansk in East Ukraine and finally on 16 May 2014 he was appointed Minister of Defence and Supreme Commander of the people’s army of the Donetsk People’s Republic. Various aliases and telephone numbers have been linked to this accused in the case file.

The second accused has the Russian nationality. The investigation has also linked various nicknames and telephone numbers to him. In an interview he introduced himself with the title of deputy army commander. He is subordinate to the previous accused, reported to him, and set up an intelligence and reconnaissance service.

The third accused is having himself represented by counsel and stated in a video message that he is a specialist in the area of tactical military intelligence and that he served in the Soviet and Russian army until August 2008. Various telephone numbers and nicknames are attributed to him in the case file. He joined the people’s militia of the Donetsk People’s Republic and became (deputy) head of the intelligence unit. He reported to the two above-mentioned accused. 

Finally the fourth accused. He has the Ukrainian nationality. In the case file he has various nicknames and various telephone numbers are linked to him. In an interview he said that he is not a professional soldier but had a technical engineering training. He carried out combat actions in various places and it can apparently be inferred from intercepted telephone conversations that he was under the command of the second accused.

The conflict situation
The court then focused on the conflict situation in East Ukraine at the time of the MH17 planecrash. Fierce fighting was taking place and the separatists were suffering increasingly high losses due to Ukrainian aerial bombing. To counter these attacks by aircraft flying at high altitudes the separatists had weapon systems that could only reach an altitude of approximately 3500 meters. Intercepted telephone conversations between various persons lead to the inference in the file that the separatists were suffering severely from bombing on their positions in and around Amvrosiivka, Stepanivka, Marinovka, Dmitrovka and Tarany, and around the hills of Saur-Mogila, and that their only hope was Russia. “I wish they give us surface to air system…” and “We have nothing to shoot with. Where is the support for us?”

The third accused apparently informed the second accused about the situation. Tanks would not be a solution but long-range artillery and a sound air defence system would be. Apparently the second accused said in an intercepted telephone conversation in relation to an anticipated attack by the Ukrainian army, “If I manage to get a BUK in the morning to send there that will be fine, but if I don’t it’ll really be shit, I reckon.”

The route apparently taken by the BUK-TELAR before and after 17 July 2014
According to the JIT, during the night of 16 to 17 July 2014 actual transport of a BUK-TELAR that was delivered by the Russian Federation to the border with East Ukraine began. The JIT mapped the first part of the route of this BUK-TELAR to Donetsk on the basis of visual material, the content of telephone conversations, transmission mast data, witness statements, expert reports and on the basis of sources such as Facebook and Twitter. A number of these sources were mentioned and shown by the court. The second part of the route, from Donetsk via Makeevka to Snizhne and on to Pervomaiskyi was also mapped by the JIT in this way. The court also discussed comments made by the Ministry of Defence of the Russian Federation on the authenticity of various images. As a result of these comments the JIT and the Public Prosecution Service had further investigation done and came to the conclusion that there was no reason to assume that the images had been manipulated.

The fourth accused’s telephone transmission mast data led to the inference in the file that he, together one other person, was present during the transport of the BUK-TELAR to the agricultural  field near Pervomaiskiy on 17 July 2014. Apparently mast data also show that the first and second accused were near Donetsk at that moment. On the basis of mast data the JIT assumes that the third accused was not present at the suspected launching site.

The court spoke about the messages included in the file after flight MH17 was downed. At first people spoke about downing a Sushka (a Ukrainian fighter jet), later about a passenger plane, and  even later about a fighter jet that had fired at a Boeing, and had then itself been downed by separatists. 

On the basis of intercepted telephone conversations, transmission mast data, witness statements,  information on social media, and video material the JIT assumes that after the downing of flight MH17 the BUK-TELAR was moved to Snizhne and from there – finally – to Russia. The court mentioned various telephone conversations apparently between the accused about this and played them in court.

The role of the accused persons
During the hearing the court mentioned a number of telephone conversations ascribed to the four accused and played them during the hearing. They concern the role of the four accused in the events relating to the transport of the BUK-TELAR, the downing of flight MH17, and their mutual relationships. To put it briefly here, in relation to the four accused the court also referred to their statements, and remarks in various media and on video. All the accused deny involvement in the crash of flight MH17, the use of a BUK missile system by separatists and the presence of a BUK missile system in the conflict zone of East Ukraine.

Further course of the proceedings
Instructions for further investigation into various areas still have to be executed by the investigating judge. The court will come back to this later in these proceedings.

At the end of today’s hearing the court gave a brief summary of the preceding days. The material discussed is what is relevant for the court in order to answer the charges in the indictment and is substantiated by nearly 1,100 footnotes with references in the case file.

Next week the prosecution will speak and will treat aspects of the case file. Time has been reserved in September for the relatives to exercise their right to address the court. The prosecution may be able to give its closing speech in November. After this, in the next block of hearings, the defence will plead its case.

Published 10 June 2021, 20:06 CET

71

Summary of the day in Court Thursday 17 June 2021
The prosecution discussed sections of the case file that the prosecution deems relevant for the decisions to be taken by the court.
Discussion of parts of the case file by the prosecution
The documents raised by the prosecution from the case file concern the question to be answered regarding the launch site and the question about the role of the accused. The prosecution did not discuss documents besides those mentioned last week regarding the question of whether Flight MH17 was shot down with a BUK missile. Visualisations were screened featuring a compilation of footage about the launch siteIn addition, the prosecution noted the connection they perceive between different types of evidence, for example between intercepted conversations and other evidence in the case file.

The defence
Last week the defence indicated that they would not be using the opportunity provided by the court to discuss sections of the case file they deem relevant at this time. The defence will discuss the substance of the evidence at the pleading.

Previous requests from the defence
At the hearing on 21 May 2021 the defence submitted additional requests to the court. The prosecution will submit a response to them in writing tomorrow. These requests and the written response will be discussed more extensively next week on Thursday 24 June 2021.

Request from the Counsel for the relatives
In a letter of 16 June 2021 Counsel for the relatives requested permission to provide interested relatives with the photos of pieces of wreckage from the MH17 aircraft, including those taken by the court during the inspection. Counsel for the relatives also submitted documents to be added to the claims for damages by the relatives. The court asked the prosecution to respond in writing to this as well tomorrow, together with the reaction to the requests from the defence that are still pending.

Additional schedule
On 24 June 2021 at 10.00 hours the next hearing day will start. The filing by the prosecution in response to the pending requests from the defence and Counsel for the relatives will be addressed there, and parties will be able to respond to each other as well.

On 8 July 2021 this block of hearings in the MH17 criminal proceedings will conclude. On that day the court will take decisions regarding the requests by the defence and Counsel for the relatives. The court will also respond to the written round of filings conducted in the meantime, in which the defence, the prosecution and Counsel for the relatives will have made written submissions about the claims for damages by the relatives.

Published 17 June 2021, 15:44 CET

72

В продолжение Новости: Суд.
https://www.rechtspraak.nl/Organisatie- … maken.aspx

Министр должен опубликовать больше документов о авиакатастрофе MH17

Утрехт, 20 июля 2021 г.
Министр юстиции и безопасности должен раскрыть дополнительную информацию о авиакатастрофе с рейсом MH17 в 2014 году. Это решение было принято Центральным судом Нидерландов в окончательном решении между RTL Nieuws и министром. RTL Nieuws попросил министра обнародовать документы на основании Закона о правительственной информации (публичный доступ) (Wob), но этот запрос был частично отклонен или документы были неразборчивы.
Запрос на колебание
RTL Nieuws подал запрос Wob о раскрытии документов, связанных с рейсом MH17. Запрос касается документов, которые включены в так называемый «Архив MH17», поскольку он находится в ведении Министерства юстиции и безопасности. Части этого архива также относятся к другим министерствам. В архивах Министерства юстиции и безопасности содержатся документы и корреспонденция, в том числе от Национального координатора по безопасности и борьбе с терроризмом (NCTV), Службы общей разведки и безопасности (AIVD), Службы военной разведки и безопасности (MIVD) и Организация по безопасности и сотрудничеству в Европе (ОБСЕ). В ответ на запрос Wob министерство провело поиск документов, запрошенных RTL Nieuws. Некоторые из найденных документов были обнародованы,

Недостаточное объяснение; сделать более публичным
Чтобы определить, было ли министерство правым, шантажируя части или не предоставляя документы, суд действительно проверил документы. В феврале этого года многопалатный окружной суд Центральных Нидерландов придерживался мнения, что министр должен предоставить дополнительные объяснения ряду документов относительно того, почему определенные отрывки не были обнародованы. Так поступил министр после временного постановления . Теперь суд решает в окончательном решении, что объяснения министра достаточно по ряду пунктов. Объяснения недостаточно для нескольких отрывков из отчета, сделанного официальным лицом встречи 9 мая 2014 года Европейской конференции гражданской авиации (ECAD). Суд все-таки предписывает министру обнародовать отрывки из этого отчета.
Постановление суда https://uitspraken.rechtspraak.nl/inzie … :2021:3258
ECLI:NL:RBMNE:2021:3258
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
20-07-2021
Datum publicatie
20-07-2021
Zaaknummer
UTR 19/2205
Formele relaties
Tussenuitspraak: ECLI:NL:RBMNE:2021:500
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
De minister van Justitie en Veiligheid moet meer informatie openbaar maken over de vliegramp met vlucht MH17. RTL Nieuws vroeg de minister op grond van de Wet openbaarheid bestuur (Wob) documenten openbaar te maken, maar dat verzoek is deels afgewezen of documenten zijn onleesbaar gemaakt. RTL Nieuws diende een Wob-verzoek in voor de openbaarmaking van stukken rondom vlucht MH17. Een deel van de door verweerder gevonden documenten is openbaar gemaakt, maar een deel ook niet of slechts beperkt.

Om te kunnen bepalen of het ministerie terecht delen zwart maakte of documenten niet openbaar maakte heeft de rechtbank de stukken ingezien en beoordeeld of verweerder terecht een beroep heeft gedaan op de artikelen 10 en 11 van de Wob. De meervoudige kamer van de rechtbank Midden-Nederland was in februari 2021 van oordeel dat de minister voor een aantal documenten meer uitleg moet geven waarom bepaalde passages niet openbaar zijn gemaakt.

De minister heeft de rechtbank na de tussenuitspraak meer uitleg gegeven. De rechtbank heeft nu een einduitspraak gedaan. De rechtbank heeft beslist dat de uitleg van de minister op een aantal punten voldoende was. De uitleg was niet voldoende voor verschillende passages uit een verslag dat een ambtenaar maakte van een overleg van 9 mei 2014 van de European Civil Aviation Conference (ECAD). De rechtbank draagt de minister op om die passages alsnog openbaar te maken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 19/2205

uitspraak van de meervoudige kamer van 20 juli 2021 in de zaak tussen
RTL Nederland B.V., te Hilversum, eiseres
(gemachtigde: mr. R. Vleugels)

en

de Minister van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: mr. drs. T.J. Sterkenburg).

Inleiding
1. Deze zaak gaat over een verzoek dat eiseres heeft gedaan op grond van de Wet openbaarheid van bestuur, over de openbaarmaking van documenten over de vliegramp MH17. Op 11 februari 2021 heeft de rechtbank een tussenuitspraak gedaan.1 Voor het procesverloop tot dat moment verwijst de rechtbank naar die uitspraak.

2. De rechtbank heeft in de tussenuitspraak geconstateerd dat partijen het erover eens zijn dat de reikwijdte van het Wob-verzoek betreft: de vliegramp met vlucht MH17 en de vorming van een archief over deze bestuurlijke aangelegenheid. In de tussenuitspraak heeft de rechtbank vervolgens, kort gezegd, geoordeeld dat verweerder het volgende nader moet motiveren:

-
waarom de informatie die volgt achter het stuk tekst: “Is er sprake van eerdere inschattingen/analyses” in document 1 (de dreigingsanalyse) buiten de reikwijdte van het Wob-verzoek valt;

-
waarom geheel document 6 (DGB-verslag over de bijeenkomst van de European Civil Aviation Conference (ECAD) van 9 mei 2014) als persoonlijke beleidsopvatting moet gelden van de betreffende ambtenaar die het verslag heeft opgesteld voor intern beraad;

-
waarom de dreigingsanalyse van de MIVD (Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst) van 10 november 2014 buiten de reikwijdte van het verzoek valt.

In de tussenuitspraak heeft de rechtbank verweerder in de gelegenheid gesteld om binnen zes weken na verzending van de tussenuitspraak, met inachtneming van wat in de tussenuitspraak is overwogen, de geconstateerde gebreken in het bestreden besluit te herstellen.

3. Verweerder heeft in reactie op de tussenuitspraak een aanvullende motivering ingediend en een document aan de rechtbank overgelegd met een verzoek om geheimhouding. Eiseres heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

4. De rechtbank heeft bepaald dat een nadere zitting achterwege blijft en heeft het onderzoek gesloten.

Overwegingen
5. Deze uitspraak bouwt voort op de tussenuitspraak. De rechtbank blijft bij alles wat zij in de tussenuitspraak heeft overwogen en beslist, tenzij hierna uitdrukkelijk anders wordt overwogen. Het staat de rechtbank niet vrij om terug te komen van zonder voorbehoud gegeven oordelen in de tussenuitspraak. Dit is alleen anders in zeer uitzonderlijke gevallen.

Document 1 Aanvraag dreigingsanalyse t.b.v. Atb sector Luchthavens van 8 april 2014

6. Verweerder heeft in de aanvullende motivering toegelicht dat in het desbetreffende onderdeel van document 1 verwijzingen zijn opgenomen naar eerdere dreigingsanalyses, die dateren van voor 2014. Het conflict in het oosten van Oekraïne ontstond in het voorjaar van 2014, na de afzetting van president Janoekovytsj en de Russische annexatie van de Krim. De oudere dreigingsanalyses waarnaar wordt verwezen, hebben volgens verweerder om die reden geen betrekking op de bestuurlijke aangelegenheid van het Wob-verzoek, omdat er voor 2014 nog geen sprake was van een conflict in het oosten van Oekraïne. De rechtbank is van oordeel dat verweerder, gelet op de reikwijdte van dit Wob-verzoek, met deze nadere motivering toereikend heeft gemotiveerd waarom dit onderdeel buiten de bestuurlijke aangelegenheid valt.

Document 6 DGB Verslag (intern) van 9 mei 2014

7. Verweerder heeft zich op het standpunt gesteld dat de beoordeling van dit document formele rechtskracht heeft gekregen; openbaarmaking is bij besluit van 27 mei 2015 geweigerd, hiertegen zijn geen rechtsmiddelen aangewend en de rechtbank heeft bij tussenuitspraak van 13 november 20182 en einduitspraak van 27 maart 20193 het standpunt van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat onderschreven dat er geen aanleiding was om de beoordeling in het besluit van 27 mei 2015 te herzien. Verweerder herhaalt daarom de beoordeling uit het besluit van 27 mei 2015, met dien verstande dat hij de motivering aanvult met andere uitzonderingsgronden. Er is in de vergadering van de ECAC ook over onderwerpen gesproken die geen verband houden met de bestuurlijke aangelegenheid van het Wob-verzoek. Voor zover document 6 wel ziet op de bestuurlijke aangelegenheid is verweerder aanvullend van oordeel dat naast artikel 11, eerste lid, van de Wob ook artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wob in de weg staat aan openbaarmaking. De vergadering van de ECAC heeft tot doel een open en vrije gedachtewisseling mogelijk te maken tussen de directeuren-generaal voor luchtvaart uit de betrokken landen. Als het verslag van de vergadering openbaar wordt gemaakt, is te voorzien dat de contacten met die landen stroever zullen verlopen en dat de deelnemers aan de vergadering minder geneigd zullen zijn om vrijelijk inzichten te delen. Dit geldt voor het officiële verslag, maar ook voor deze persoonlijke aantekeningen over de vergadering. Daar komt bij dat deze persoonlijke aantekeningen niet zijn geaccordeerd door de deelnemers. Het algemene belang van openbaarheid weegt volgens verweerder niet op tegen het belang van de internationale betrekkingen.

8. De rechtbank komt voor wat betreft het standpunt van verweerder dat sprake is van formele rechtskracht niet terug op wat zij heeft overwogen in de tussenuitspraak. De formele rechtskracht geldt in dit geval alleen tussen eiseres en de Minister van Infrastructuur en Waterstaat. De rechtbank ziet het besluit in dit geval als een nieuw besluit van een ander bestuursorgaan op een latere datum en heeft dit document daarom in de tussenuitspraak beoordeeld.

9. De rechtbank heeft kennisgenomen van document 6 dat opnieuw onder geheimhouding in de procedure is gebracht, waarbij is omkaderd wat volgens verweerder onder de bestuurlijke aangelegenheid valt. De rechtbank volgt verweerder in zijn stelling dat het niet-omkaderde deel van het document, niet onder de reikwijdte van het verzoek valt. De rechtbank zal per omkaderde passage beoordelen of verweerder terecht een beroep op de weigeringsgronden van artikel 11, eerste lid, van de Wob en artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wob, heeft gedaan. Daarbij is van belang dat bij weigering van openbaarmaking op grond van artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wob altijd een belangenafweging moet plaats vinden tussen het belang van openbaarheid en de betrekkingen van Nederland met andere staten en met internationale organisaties.

10. Pagina 2 van 10, eerste gekaderde tekst: Dit betreft naar het oordeel van de rechtbank persoonlijke beleidsopvattingen die verweven zijn met feiten. Het is vaste rechtspraak dat feitelijke gegevens die zo nauw zijn verweven met persoonlijke beleidsopvattingen dat het niet mogelijk is ze te scheiden, niet openbaar worden gemaakt4. Verweerder heeft hier dus terecht een beroep gedaan op artikel 11, eerste lid, van de Wob. De weigering tot openbaarmaking is op dit punt dus toereikend gemotiveerd en dit betekent dat deze passage niet openbaar hoeft te worden gemaakt.

11. Pagina 2 van 10, tweede gekaderde tekst: De rechtbank is van oordeel dat dit een feitelijkheid betreft en geen persoonlijke beleidsopvatting, omdat het een weergave is van wat er gezegd is. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de weergave van wat er is gezegd mogelijk in enige mate wordt gekleurd wordt door de persoonlijke opvattingen van degene die deze informatie beschrijft, maar dat is niet voldoende om die beschrijving alleen daarom als persoonlijke beleidsopvatting aan te merken.5 Overigens is enige kleuring van de informatie op basis van de persoonlijke opvattingen van de schrijver niet zichtbaar in de gekaderde tekst. Dit betekent dat verweerder geen beroep kon doen op artikel 11, eerste lid, van de Wob. Wat betreft het beroep van verweerder op artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wob is de rechtbank van oordeel dat de motivering van verweerder op dit punt onvoldoende is om te oordelen dat het belang van de betrekkingen van Nederland met andere staten en internationale organisaties zou moeten prevaleren boven het belang van openbaarheid, waaraan met name in een zaak als deze een groot belang wordt gehecht. Dat het om persoonlijke aantekeningen gaat die niet zijn geaccordeerd door de deelnemers maakt dit oordeel niet anders. Daarbij neemt de rechtbank het tijdsverloop ook in aanmerking; dit overleg heeft immers reeds plaatsgevonden in 2014. De rechtbank is daarom van oordeel dat dit gearceerde onderdeel openbaar moet worden gemaakt.

12. Pagina 3 van 10, drie gekaderde tekstblokken: De rechtbank is van oordeel dat deze passages feitelijkheden bevatten en geen persoonlijke beleidsopvattingen, omdat het een weergave is van wat er gezegd is. Ook hier neemt de rechtbank in aanmerking dat de weergave van wat er is gezegd mogelijk in enige mate wordt gekleurd wordt door de persoonlijke opvattingen van degene die deze informatie beschrijft, maar dat is niet voldoende om die beschrijving alleen daarom als persoonlijke beleidsopvatting aan te merken. Ook in deze tekstblokken is enige kleuring van de informatie op basis van de persoonlijke opvattingen van de schrijver niet zichtbaar. De weigering met een beroep op artikel 11, eerste lid, van de Wob, berust daarom op een ondeugdelijke motivering. Hetzelfde geldt voor het beroep op artikel 10, tweede lid onder a, van de Wob. Nu kennelijk niet dan in louter algemene bewoordingen het belang van internationale betrekkingen en overleg in internationaal verband is aan te geven, is de rechtbank van oordeel dat het belang van openbaarmaking van deze passage in dit geval zwaarder weegt dan het belang van de betrekkingen met Nederland met andere staten en internationale organisaties. Dit betekent dat deze omkaderde onderdelen van document 6 openbaar gemaakt moeten worden.

13. Pagina’s 5 van 10 en 9 van 10, gekaderde teksten: De rechtbank is van oordeel dat deze passage een feitelijkheid betreft en geen persoonlijke beleidsopvatting, zodat de weigering met een beroep op artikel 11, eerste lid, van de Wob, berust op een ondeugdelijke motivering. De rechtbank is van oordeel dat het beroep op artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wob wel toereikend is gemotiveerd gelet op de context van het gesprek waarin die passage vermeld staat. Daarbij weegt het belang van de internationale betrekkingen zwaarder. Dit betekent dat deze passage niet openbaar hoeft te worden gemaakt.

Dreigingsanalyses voor de sector Luchthavens van de MIVD van 10 november 2014

14. Verweerder heeft in de aanvullende motivering toegelicht dat op deze dreigingsanalyses van de MIVD de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 (Wiv) van toepassing is. Deze wet heeft voorrang op de Wob, waardoor deze laatste wet niet van toepassing is. In dit geval is de Minister van Defensie degene die op grond van artikel 51 van de Wiv moet beslissen over kennisneming van de dreigingsanalyses. Verweerder is daartoe niet bevoegd.

15. De rechtbank is van oordeel dat verweerders standpunt juist is en verweerder daarmee nu toereikend heeft gemotiveerd waarom hij openbaarmaking van dit document geweigerd heeft.

Conclusie

16. Gelet op de in de tussenuitspraak geconstateerde gebreken, is het beroep gegrond. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit van 26 april 2019 voor zover dit ziet op de documenten 1, 6 en de dreigingsanalyse van 10 november 2014. De rechtbank zal zelf voorzien in die zin dat bepaald wordt dat van document 6 openbaar dient te worden gemaakt de tweede gekaderde tekst op pagina 2 van 10 en de gekaderde tekstblokken op pagina 3 van 10. Omdat verweerder in zijn reactie op de tussenuitspraak de overige motiveringsgebreken heeft hersteld, laat de rechtbank de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit voor zover dat ziet op de overige besluitonderdelen in stand.

17. Omdat de rechtbank het beroep gegrond verklaart, bepaalt de rechtbank dat verweerder aan eiseres het door haar betaalde griffierecht vergoedt.

18. De rechtbank veroordeelt verweerder in de door eiseres gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 748,- (1 punt voor het verschijnen van de gemachtigde op de zitting met een waarde per punt van € 748,- en een wegingsfactor 1).

Beslissing
De rechtbank:

-
verklaart het beroep gegrond;

-
vernietigt het bestreden besluit voor zover dit ziet op de documenten 1 en 6 en de dreigingsanalyse van 10 november 2014 van de MIVD;

-
bepaalt dat verweerder de volgende informatie openbaar moet maken: van document 6 de tweede gekaderde tekst op pagina 2 van 10 en de gekaderde tekstblokken op pagina 3 van 10;

- draagt verweerder op hier binnen 4 weken na verzending van deze uitspraak uitvoering aan te geven;

- herroept het primaire besluit voor zover daarbij is beslist dat openbaarmaking van bovenvermelde passages wordt geweigerd, bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van het bestreden besluit;

- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde gedeelte van het bestreden besluit in stand blijven voor zover dit ziet op de overige vernietigde besluitonderdelen;

- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 345,- aan eiseres te vergoeden;

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 748,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J. Catsburg, voorzitter, en mr. P.J.M. Mol en mr. K. de Meulder, leden, in aanwezigheid van mr. R.G. Kamphof, griffier. De beslissing is uitgesproken op 20 juli 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.

griffier voorzitter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak en de tussenuitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

73

Resume van de dag donderdag 24 juni 2021  https://www.courtmh17.com/nieuws/2021/r … -2021.html
Openbaar Ministerie (OM) en verdediging over verzoeken van de verdediging. De rechtbank over vorderingen tot schadevergoeding van nabestaanden.
Deze zittingsdag hebben het Openbaar Ministerie (OM) en de verdediging zich uitgelaten over verzoeken die de verdediging tijdens de zitting van 21 mei 2021 heeft ingediend en over een aantal nieuwe verzoeken van de verdediging. Verder zijn door de rechtbank een aantal opmerkingen gemaakt over de al ingediende of nog in te dienen vorderingen tot schadevergoeding van nabestaanden.

Eerdere en nieuw verzoeken verdediging
Tijdens de zitting van 21 mei 2021 heeft de verdediging nadere verzoeken aan de rechtbank voorgelegd en vandaag zijn nog een aantal nieuwe verzoeken gedaan. Veel van de verzoeken zien op stukken die de verdediging aanvullend zou willen krijgen. Het gaat dan bijvoorbeeld om een overzicht van alle wrakstukken met bijbehorende nummers en aan welk deel van de reconstructie van het MH17-vliegtuig die wrakstukken kunnen worden gekoppeld. Ook heeft de verdediging een verzoek gedaan dat verband houdt met een op internet verschenen filmpje waarin iemand anders dan de huidige verdachten volgens de verdediging zou stellen een rol te hebben in het neerstorten van vlucht MH17. De verdediging wil verder onder meer gebruik kunnen maken van dezelfde middelen en mogelijkheden die het OM heeft om zogenoemde visualisaties van tapgesprekken en ander (beeld)materiaal te maken.

Reactie OM
Het OM heeft een aantal verzoeken van de verdediging, zoals het inzien van bepaalde sectiefoto’s, al ingewilligd. Tegen toewijzing van de andere verzoeken heeft het OM zich verzet. Het OM meent dat een aantal verzoeken moet worden afgewezen, omdat die verzoeken eerder al zijn afgewezen en niets nieuws wordt toegevoegd. Ook vraagt het OM bij wat verzoeken om een nadere toelichting. Het benadrukt verder het belang van de voortgang en de afronding van het strafproces, dat wat het OM betreft vanwege de impact op de nabestaanden steeds zwaarder moet gaan wegen. Natuurlijk moet noodzakelijk onderzoek nog plaatsvinden, aldus het OM, maar het vraagt de rechtbank in dit stadium van het MH17-strafproces kritisch te zijn over de noodzaak van de verzoeken van de verdediging voor een goede en eerlijke waarheidsvinding. Het Rechtsbijstandsteam heeft zich bij dit laatste verzoek aangesloten.

Opmerkingen rechtbank over vorderingen tot schadevergoeding
De rechtbank heeft aangegeven welke informatie bij de vorderingen tot schadevergoeding moet worden verstrekt om die vorderingen goed te kunnen beoordelen en heeft een nadere vraag gesteld aan het Rechtsbijstandsteam.

Ontvangen betalingen van derden
Bij de vorderingen moet opgave worden gedaan van ontvangen betalingen van derden aan nabestaanden. Dat geldt niet alleen voor betalingen die bijvoorbeeld zijn ontvangen van de vliegtuigmaatschappij Malaysia Airlines, maar ook voor eventuele betaling van verzekeringsuitkeringen. Als betalingen van derden zijn ontvangen, is het belangrijk dat de verschillende componenten daarvan (zowel materiële als immateriële bedragen) tot uitdrukking worden gebracht.

Als het gaat om eventuele uitkeringen door verzekeringen, heeft de rechtbank het Rechtsbijstandsteam de vraag voorgelegd hoe uitgesloten kan worden dat verdachten, áls vorderingen worden toegewezen, zowel door nabestaanden zelf als door een verzekeraar zullen worden aangesproken voor toegewezen bedragen.

Procedures bij buitenlandse gerechten
Ook wordt de rechtbank graag geïnformeerd over eventuele procedures bij buitenlandse gerechten tussen nabestaanden en verdachten naar aanleiding van het neerstorten van vlucht MH17. De rechtbank zal bij de beoordeling van de vorderingen namelijk rekening moeten houden met al langer lopende of al afgeronde rechtszaken tot schadevergoeding in andere landen. De rechtbank verneemt daarom graag, als sprake is van een buitenlandse procedure: de datum van het aanhangig maken daarvan, de vordering in die procedure, tegen wie de vordering in die procedure is gericht en de stand van zaken of de afloop van die procedure. Als in die procedure al een eindbeslissing is gegeven, zou de rechtbank graag weten welke bedragen zijn toegewezen en voor welk soort schade. Verder is van belang of die bedragen werkelijk zijn voldaan of niet. Ten slotte of nog rechtsmiddelen openstaan tegen die beslissing van de buitenlandse rechter. Als er een buitenlandse eindbeslissing is, vraagt de rechtbank die beslissing als afschrift bij de vordering tot schadevergoeding over te leggen.

Schriftelijke ronde over vorderingen tot schadevergoeding
Op 3 juni 2021 heeft de verdediging schriftelijk gereageerd op de inmiddels ingediende vorderingen tot schadevergoeding. Het Rechtsbijstandsteam heeft vandaag de vraag opgeworpen of de schriftelijke reactie van de verdediging niet te beperkt is, omdat daarin niet op alle aspecten van die vorderingen lijkt te zijn gereageerd. Daarop heeft de verdediging aangegeven dat een misverstand lijkt te bestaan over hoe haar schriftelijke reactie moet worden opgevat. Afgesproken is dat de verdediging aan het Rechtsbijstandsteam (schriftelijk) nader zal toelichten over welke aspecten van de vorderingen nog discussie bestaat. De uitkomst daarvan kan het Rechtsbijstandsteam meenemen in haar eigen schriftelijke reactie die uiterlijk op 2 juli aanstaande bij de rechtbank moet zijn ingediend. 

Eerder verzoek Rechtsbijstandsteam over foto’s
Het Rechtsbijstandsteam heeft bij brief van 16 juni 2021 verzocht om foto’s, onder meer zoals die van de reconstructie van het MH17-vliegtuig door de rechtbank zijn gemaakt voorafgaand aan de schouw, aan de nabestaanden die dat willen te mogen verstrekken. De rechtbank heeft dat verzoek toegewezen.

Verdere planning
Op 8 juli 2021 om 13:30 uur zal de rechtbank beslissingen nemen op de nog openstaande verzoeken van de verdediging. Verder zal de rechtbank dan reageren op de tegen die tijd afgeronde schriftelijke uitwisseling van standpunten van de verdediging, het OM en het Rechtsbijstandsteam over de vorderingen tot schadevergoeding van de nabestaanden.

Daarna is dit zittingsblok tot een einde gekomen en zal in september 2021 het woord worden gegeven aan nabestaanden.

74

Resumé van de dag donderdag 8 juli 2021 https://www.courtmh17.com/nieuws/2021/r … -2021.html
De rechtbank heeft beslissingen medegedeeld op de nog openstaande verzoeken van de verdediging.
Vandaag heeft de rechtbank tijdens een korte zitting de beslissingen medegedeeld op de nog openstaande verzoeken van de verdediging.

Verder is aandacht besteed aan de inmiddels afgeronde schriftelijke uitwisseling van standpunten over de 299 vorderingen tot schadevergoeding van nabestaanden. Naar aanleiding van die schriftelijke ronde heeft de rechtbank een aantal opmerkingen gemaakt en beslissingen genomen over de voorbereiding van de inhoudelijke bespreking van die vorderingen later in het MH17-strafproces.

Verzoeken van de verdediging
De rechtbank heeft een aantal verzoeken van de verdediging toegewezen en de andere verzoeken afgewezen. De toegewezen verzoeken zien op rapporten van de Royal Military Academy (RMA), onderzoek naar de authenticiteit van tapgesprekken en het verstrekken van laserscan-data.

Stukken Royal Military Academy (RMA)
Tijdens het verhoor van de deskundige van de RMA door de rechter-commissaris heeft die deskundige aangegeven dat de RMA in totaal 18 rapporten heeft geschreven in het kader van deze strafzaak, die niet allemaal onderdeel uitmaken van het procesdossier. Voor zover deze rapporten niet in het procesdossier zijn gevoegd, is het aan de rechter-commissaris om die rapporten alsnog te beoordelen en als ze vallen onder de onderzoeksopdracht die de rechter-commissaris destijds aan de RMA heeft verstrekt, moeten ze in het procesdossier worden gevoegd. Omdat het zou kunnen dat het Openbaar Ministerie ook nog andere (deel)rapporten van de RMA heeft die van belang kunnen zijn voor vragen die de rechtbank zal moeten beantwoorden, heeft de rechtbank het verzoek van de verdediging om alle stukken van de RMA aan het procesdossier toe te voegen in die zin toegewezen dat het OM wordt opgedragen een afschrift van alle (deel)rapporten van de RMA aan de rechter-commissaris te sturen. De rechter-commissaris zal vervolgens de stukken daaruit moeten selecteren die zijn opgesteld ter uitvoering van de onderzoeksopdracht van destijds en van de overige stukken die stukken die van belang zijn voor door de rechtbank te nemen beslissingen. Die stukken zal de rechter-commissaris aan de rechtbank en de verdediging moeten sturen.

Tapgesprekken
De verdediging heeft in een eerder stadium van dit strafproces al verzoeken gedaan om onderzoek te doen naar tapgesprekken. Die verzoeken zijn in zoverre toegewezen dat van veertien tapgesprekken zal worden onderzocht of de deelnemer, die volgens het OM de verdachte zou zijn, telkens dezelfde persoon is. Verzoeken van de verdediging tot onderzoek naar eventuele manipulatie van bepaalde tapgesprekken zijn tot nu toe afgewezen, kort gezegd omdat een zogenoemde ‘manipulatiehypothese’ van de verdediging ontbreekt.

De rechtbank heeft het herhaalde verzoek van de verdediging tot het doen van onderzoek naar de manipulatie van tapgesprekken nu wel toegewezen. In het betoog van de verdediging dat een ‘manipulatiehypothese’ niet noodzakelijk hoeft te zijn om onderzoek te kunnen doen naar de authenticiteit van audiobestanden, heeft de rechtbank aanleiding gezien het verzoek opnieuw te bekijken. De rechtbank zal de deskundige van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) die al een stemvergelijking zal uitvoeren van veertien tapgesprekken, de vraag voorleggen of het ook zonder ‘manipulatiehypothese’ mogelijk is om onderzoek te doen naar sporen van bewerking en of dat iets zou kunnen zeggen over de authenticiteit van een audiobestand. Indien dat mogelijk is, dan moet het onderzoek worden uitgevoerd op de veertien audiobestanden, zoals die zich in het dossier bevinden, omdat de rechtbank te zijner tijd mogelijk een oordeel zal moeten geven over de (belastende of ontlastende) bewijswaarde van díe bestanden. De rechtbank heeft vanwege het belang van de voortgang van dit strafproces bepaald dat dit onderzoek uiterlijk op 1 november 2021 zal moeten zijn afgerond. Deze begrenzing in tijd kan ertoe leiden dat de rechter-commissaris bij de formulering van de onderzoeksopdracht aan het NFI een beperking aanbrengt, bijvoorbeeld in het aantal te onderzoeken audiobestanden.

Laserscan
Naar aanleiding van de beslissingen van de rechtbank van 22 april 2021 heeft het OM de data van een kennelijk door het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum en de RMA gemaakte laserscan, waarmee de aanwezige schade op de wrakstukken kan worden geanalyseerd, aan het procesdossier toegevoegd. De verdediging heeft aangegeven hiermee niet uit de voeten te kunnen. De rechtbank heeft beslist dat het OM nu de ruwe versie van deze data aan de verdediging dient te verstrekken. De verdediging heeft aangegeven deze data nodig te hebben en deze bestanden ook daadwerkelijk te kunnen openen.

Voorbereiding inhoudelijke bespreking vorderingen tot schadevergoeding
Schriftelijke ronde over de vorderingen
Op 31 augustus 2020 heeft de rechtbank bepaald dat voorlopig wordt aangenomen dat Oekraïens recht van toepassing is op de beoordeling van de door nabestaanden in te dienen vorderingen tot schadevergoeding. Het Rechtsbijstandsteam (RBT) heeft zich daarop laten adviseren door deskundigen over het Nederlands internationaal privaatrecht en het Oekraïense civiele recht. Bij de ingediende vorderingen tot schadevergoeding heeft het RBT de verschillende rapporteren die daarvan het resultaat zijn overgelegd.

Tijdens de in de afgelopen periode gehouden schriftelijke ronde hebben de verdediging, het OM en het RBT de mogelijkheid gehad zich al voorafgaand aan de inhoudelijke bespreking van de vorderingen tot schadevergoeding van de nabestaanden op zitting uit te laten over die vorderingen en de onderbouwing daarvan. Een schriftelijke ronde kan de inhoudelijke bespreking van de vorderingen op zitting bespoedigen en beperken tot die onderdelen van de vorderingen die de het RBT, de verdediging en het OM verdeeld houden.

De verdediging heeft in deze schriftelijke ronde niet inhoudelijk gereageerd op de door de benadeelde partijen ingediende vorderingen en heeft aangegeven standpunten over de vorderingen pas bij pleidooi te zullen innemen. De verdediging heeft wel vragen benoemd die zouden kunnen worden voorgelegd aan bijvoorbeeld het Internationaal Juridisch Instituut (het IJI), het kenniscentrum voor internationaal privaatrecht en buitenlands recht, om te beantwoorden. Daarop heeft het RBT de rechtbank verzocht een nieuwe termijn te stellen voor een inhoudelijke reactie van de verdediging op de vorderingen van de nabestaanden. Het RBT meent dat het nodig is om het inhoudelijke standpunt van de verdediging voor de bespreking van de vorderingen op zitting te kennen, omdat het daar anders niet adequaat op kan reageren.

Voorstel verdediging stellen vragen aan het IJI
De rechtbank ziet geen aanleiding de door de verdediging benoemde of andere nadere vragen voor te leggen aan het IJI. Een deel van de door de verdediging benoemde vragen betreffen vragen over onderwerpen over het Nederlandse recht die de rechtbank zonder advies kan beantwoorden en over een deel van die vragen heeft het RBT al een rapport overgelegd. Het deel van de door de verdediging benoemde vragen over de inhoud van het Oekraïense recht komt aan de orde in andere rapporten die het RBT als onderbouwing bij de vorderingen tot schadevergoeding van de nabestaanden heeft overgelegd. Uit de reactie die de verdediging wel heeft gegeven op die vorderingen volgt niet dat de inhoud van die rapporten wordt betwist. Het OM heeft aangegeven ook geen nadere vragen aan het IJI te willen stellen en de rechtbank heeft zelf evenmin nadere vragen.

Verzoek RBT om inhoudelijke reactie verdediging
In het Nederlands strafproces worden vorderingen ter terechtzitting toegelicht en besproken. Vervolgens neemt het OM bij requisitoir een standpunt in over die vorderingen en datzelfde geldt voor de verdediging bij pleidooi. Daarop kan degene die een vordering tot schadevergoeding heeft ingediend (of een vertegenwoordiger, zoals het RBT) reageren. In het Nederlands strafproces is niet voorzien in een schriftelijke voorbereiding van de inhoudelijke behandeling van de vorderingen tot schadevergoeding op zitting. Daarom kan de rechtbank de verdediging niet dwingen om eerder dan bij pleidooi inhoudelijk op de vorderingen te reageren en zal de rechtbank niet voldoen aan het verzoek van het RBT om een nieuwe termijn te stellen voor een inhoudelijke reactie van de verdediging op de vorderingen van de nabestaanden. Zolang de verdediging niet inhoudelijk heeft gereageerd op de vorderingen en zich dat recht nog wel voorbehoudt, kan de rechtbank op dit moment ook geen tussenbeslissingen nemen op onderdelen van de vorderingen.

Dat neemt niet weg dat de rechtbank de verdediging uitdrukkelijk in overweging heeft gegeven om voorafgaand aan de inhoudelijke bespreking van de vorderingen, en daarmee voor 1 november 2021, alsnog inhoudelijk te reageren op de ingediende vorderingen. Als dat standpunt van de verdediging nog zou leiden tot nader onderzoek naar de inhoud van buitenlands recht, zou dat namelijk tot onnodige vertraging kunnen leiden. 

Verzoek rechtbank om informatie bij de vorderingen
Op de zitting van 24 juni 2021 heeft de rechtbank aangegeven welke informatie bij de vorderingen tot schadevergoeding moet worden verstrekt om die vorderingen goed te kunnen beoordelen.  De rechtbank heeft aangegeven zich te realiseren dat het achterhalen van deze gegevens een moeilijke opgave kan zijn, zeker zonder bijstand van een advocaat. Omdat nu nog niet kan worden uitgesloten dat die informatie relevant zal zijn voor de beoordeling van de vorderingen, volhardt de rechtbank in het verzoek die informatie te verstrekken. Zie het Resumé van de dag van 24 juni 2021

Als het gaat om door nabestaanden ontvangen betalingen van derden, zijn alleen die vergoedingen relevant om op te geven die zien op vergoeding van immateriële schade. Als een nabestaande een uitkering heeft ontvangen die (mogelijk) mede bestaat uit immateriële schade, dient zo mogelijk inzicht te worden gegeven in welk deel daarvan als immateriële schade is aan te merken. Verder kan het van belang zijn of een uitkering rechtstreeks is toegekend aan de nabestaande dan wel aan een slachtoffer (overledene) en of het bedrag van die uitkering (geheel of gedeeltelijk) via vererving aan de nabestaande toe is gekomen. Ten slotte kan relevant zijn of de instantie die de uitkering heeft gedaan zelf (in de plaats van de nabestaande) de veroorzaker van schade kan aanspreken om de vergoede schade te verhalen.

Verdere planning
Met deze zittingsdag is dit zittingsblok tot een einde gekomen. De zitting is geschorst en zal worden hervat op 6 september 2021 10:00 uur. Het woord is dan aan de nabestaanden om het spreekrecht uit te oefenen.

75

https://twitter.com/CourtMH17/status/14 … 4574869504
Более 90 родственников жертв рейса MH17 воспользуются своим правом выступить в рамках уголовного процесса по делу MH17 с 6 сентября. Суд выделил десять дней для осуществления права на выступление. За всеми выступающими можно следить в прямом эфире.

76

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBDHA:2021:10229&showbutton=true&keyword=2021:10229/
( https://linkeddata.overheid.nl/front/po … 2021:10229 )
Суд Гааги
Дата вынесения приговора
20-09-2021
Дата публикации
20-09-2021
Номер дела
09 / 748006-19
Юрисдикции
Уголовное право
Особые характеристики
порядок
Индикация содержания
Решение по апелляции на решения следственного судьи в соответствии со статьей 226a DCCP о предоставлении статуса свидетеля, которому угрожают, в суде по делу MH17. Просмотрите соображения по интенсивности. Метод создания полностью протестирован, содержание решения сохраняется. Соображения об обязанности слышать. Стороны должны быть заслушаны тем же следственным судьей, который принимает решение по заявлению о статусе. Никакого принудительного приказа при заслушивании партий. Суд поддерживает постановление следственного судьи.
СУД ГААГИ
Уголовное право

Номер паркета: 09 / 748006-19

Номера камер Совета: 21/1728 и 21/1730

Постановление Окружного суда Гааги, многократной палаты совета по уголовным делам, об апелляциях на решения в соответствии со статьей 226a Уголовно-процессуального кодекса следственного судьи в Окружном суде Гааги, подтвержденное 28 мая 2021 г., получено в канцелярии этого суда 18 июня 2021 г. от:

[заявитель],

родился [дата] в [месте],

без постоянного места жительства или проживания здесь, в стране,

для этого дела выбор места жительства в офисе его адвокатов г-на BCW van Eijck и г-на AS ten Doesschate, адрес: Oostmaaslaan 71, 3063 AN Rotterdam

(далее по тексту: Апеллянт).

1Вступление
1.1
В рамках уголовного расследования под названием Primo заявитель подозревается в причастности к преднамеренной аварии, связанной с авиакатастрофой, выполнявшей рейс MH17 17 июля 2014 года, в результате выстрела ракетой «БУК» по самолету, в результате чего погибли все находящиеся в нем люди.

1.2
Свидетели заслушивались и слушаются по этому уголовному делу. Следственный судья приказал ряду свидетелей, в том числе S20 и S40, по запросу прокурора, скрыть их личности во время допроса. Следственный судья предоставил им статус свидетелей, которым угрожают. Это решение касается вопроса о том, был ли следователь прав, приняв такое решение. Правовая основа для этого заложена в статьях 226a - 226f Уголовно-процессуального кодекса (далее: Sv). Эти статьи были введены Законом от 11 ноября 1993 года о внесении поправок в Уголовно-процессуальный кодекс, Уголовный кодекс и некоторые другие законы (защита свидетелей). 1Для краткости в дальнейшем суд именует этот акт как Закон о защите свидетелей. Полный текст этих статей прилагается к настоящему решению.

2Процесс
2.1
На слушании 25 ноября 2020 года Окружной суд Гааги постановил в уголовном деле против заявителя, что лица, обозначенные как S20 (заявил, что около 12:30 17 июля 2014 г. он увидел низкорамный погрузчик с ракетным комплексом недалеко от супермаркета «Фуршет» в Снежном. (48.018608, 38.754232)) и S40 (как сообщается, 17 июля 2014 года он находился поблизости от предполагаемого места стрельбы, видел Бук. Pаявил, что 17 июля 2014 года он находился рядом с шахтой в Первомайское и за ним, примерно в 50 метрах, что-то выстрелило — это была ракета большого калибра. Он описал большую колонну дыма в сторону севера. ) в качестве свидетелей, должны быть заслушаны следственным судьей.

2.2
7 декабря 2020 года прокурор представил следственному судье два иска в соответствии со статьей 226a DCCP, которые стремятся предоставить свидетелям S20 и S40 статус свидетелей, которым угрожают, и чтобы они были заслушаны или заслушаны анонимно. 4 февраля 2021 года прокурор дополнил исковые требования. 12 марта 2021 года заявитель через своих адвокатов был заслушан в устной форме следственным судьей по искам. Следственный судья заслушал свидетелей S20 и S40 по иску, так называемый статусный допрос. По заказам, заверенным 28 мая 2021 г.,

2.3
8 июня 2021 года статусные решения были вручены заявителю представителем Министерства юстиции Российской Федерации с просьбой о взаимопомощи для выдачи статусных решений и их переводов на русский язык. От имени заявителя была подана апелляция на решения следственного судьи 18 июня 2021 года.

2,4
25 августа 2021 года в суд поступила апелляционная жалоба от заявителя.

2,5
Суд рассматривал апелляции на закрытом заседании в камерах 30 августа 2021 года. В камерах заслушивались прокурор Т. Бергер и от имени заявителя AS ten Doesschate и LEG van der Hut.

3Мнения сторон
3.1
Заявитель занял позицию, согласно которой решения следственного судьи и связанный с ними ход событий имеют формальные и существенные недостатки, которые должны привести к отмене решений. Ниже суд обсудит основания для апелляции.

3,2
Прокурор придерживается позиции, что жалобы должны быть отклонены.

77

4Вердикт суда
4.1
Рамки оценки

4.1.1
В своем решении от 23 апреля 2020 г. 2 суд постановил, что рамки тестирования будут использоваться при оценке апелляции на решение в соответствии со статьей 226a status Sv. Короче говоря, эта структура оценки означает, что оценка по апелляции ограничивается решением следственного судьи относительно сокрытия личности свидетеля во время допроса. С одной стороны, необходимо оценить, правильно ли было принято решение следственного судьи, а с другой стороны, было ли это решение принято на правильных основаниях. Что касается способа создания, то это полноценная проверка. Что касается содержания решения, то это осторожная проверка, согласно решению суда от 23 апреля 2020 года.

4.1.2
Заявитель в первую очередь утверждал, что проверка по существу должна включать в себя полную проверку. В качестве альтернативы истец утверждал, что для того, чтобы должным образом пересмотреть решения следственного судьи (с ограничениями или без ограничений), суд должен, по крайней мере, иметь в своем распоряжении полные официальные отчеты о статусных допросах и версии, окрашенные не в черный цвет. показаний свидетелей, ранее сделанных S20 и S40 Объединенной следственной группе (далее: JIT). С этой целью заявитель сослался на историю разработки Закона о защите свидетелей и, в частности, на пятый абзац статьи 226b DCCP, из которого, по мнению заявителя, можно сделать вывод, что члены палаты совета должны иметь больше информации, чем прокурор. правосудие,

4.1.3
Суд прежде всего констатирует, что законодатель не вынес прямого решения по вопросу об оценке по апелляции. История создания Закона о защите свидетелей 3 содержит отправные точки как для полного, так и для зарезервированного теста. Верховный суд как высшая судебная инстанция еще не вынес решение по этому поводу. Суды низшей инстанции изначально различались, когда дело касалось интенсивности оценки, но теперь появилась линия осторожной оценки, которая уже была начата до решения суда от 23 апреля 2020 года и с тех пор сохраняется. 4 Суд не видит оснований в представлениях истца по этому делу для другого мнения относительно интенсивности оценки, чем в своем решении от 23 апреля 2020 года. Он считает следующее решающим в этом отношении.

4.1.4
История разработки Закона о защите свидетелей показывает, что законодатель поручил оценку того, может ли и должно ли лицо рассматриваться как свидетель, которому угрожают, исключительно следственному судье. В конце концов, следственный судья, участвуя в предварительном расследовании, имеет более или менее полный обзор уголовного расследования. В контексте информации, известной ему из всего уголовного расследования, он может оценить иск или просьбу о сокрытии личности свидетеля. Например, он хорошо понимает значение свидетельских показаний для всего расследования и может оценить серьезность (предполагаемой) угрозы на фоне того, что ему известно из уголовного расследования.5 Следственный судья также единственный, кто слышит человека, статус которого как свидетеля, которому потенциально угрожают. Эта процедура носит закрытый характер. Информация, полученная таким образом следственным судьей или иным образом от государственного прокурора, которому поручены особые процедуры свидетелей, становится известна только в очень ограниченной степени из-за важности защиты свидетеля в соответствии с положениями статьи 226f DCCP - в данном случае - по делу. прокурор, защита и суд. 6

4.1.5
В отличие от истца, суд не делает вывод из пятого абзаца статьи 226b УПК РФ, что апелляционный суд должен располагать той же информацией, что и следственный судья. Это положение предусматривает, что члены Палаты депутатов не участвуют в расследовании во время судебного заседания по уголовному делу, если по апелляции было принято решение, что свидетель является свидетелем, которому угрожают. Законодатель пояснил по этому поводу:

«Если члены палат, которые решили, что данный свидетель является свидетелем, находящимся под угрозой, участвуют в расследовании в суде, то они знают больше, чем защита, особенно в том, что касается личности свидетеля». 7

Однако это не означает, что члены палаты совета по определению обладают большей информацией, чем прокурор и защита, а означает лишь то, что закон предусматривает возможность существования такой ситуации. В частности, можно подумать о ситуации, когда свидетель обжалует отрицательное решение следственного судьи по его просьбе о предоставлении статуса.

4.1.6
По мнению суда, это означает, что критерий, который он должен применять при апелляции в отношении содержания решения следственного судьи, является осторожным. В конце концов, решение по апелляции может быть основано только на фактах и ​​обстоятельствах, изложенных в постановлении следственного судьи, в то время как суд - в отличие от следственного судьи - не имеет полного обзора уголовного расследования и, следовательно, также обоснование менее способны дать предметную оценку претензии или просьбы о сокрытии личности свидетеля.

4.1.7
Просьба апеллянта (в качестве альтернативы) запросить дополнительные документы у следственного судьи не подходит для этого теста. Просмотр документов, на которые ссылается податель апелляции, может дать суду больше информации о том, в чем состоят угрозы, которые, по словам (или которым испытали) свидетели, заключаются. Между прочим, это не дало бы полной картины этой угрозы, потому что следственный судья имеет больше (конфиденциальной) информации относительно оценки угрозы, чем информация в вышеупомянутых документах. Однако у суда нет оснований сомневаться в содержании краткого официального отчета о статусном допросе, в котором свидетели заявляют о наличии (а) конкретной угрозы (угроз) в его адрес, они объясняют причины этого и заявляют, что не хотят делать зарегистрированное заявление из-за этих угроз (угроз). В связи с этим суд полагает, что следователю может быть оказано большое доверие, что также было признано законодателем:

« Гарантией осторожного применения далеко идущих средств принуждения является то, что решение по этому поводу передается следственному судье; Как от подозреваемого, так и от третьих лиц, участвующих в уголовном судопроизводстве, таких как свидетель, от следственного судьи можно ожидать большей беспристрастности и объективности, чем от прокурора. Мировой судья должен убедиться, что незначительно ущемлены права и свободы граждан » . 8

Более того, суд не может, как следственный судья, рассматривать и оценивать показания свидетелей относительно угрозы (угроз) по отношению ко всем другим документам из уголовного дела. В конце концов, суд не имеет доступа к полному уголовному делу в контексте этих судебных разбирательств. По этой причине просмотр упомянутых документов не может способствовать пересмотру решения следственного судьи.

4.1.8
Таким образом, суд должен оценить, мог ли следственный судья обоснованно принять решение о предоставлении статуса свидетеля, которому угрожают. В принципе, суд рассматривает решение следственного судьи в свете фактов и обстоятельств на момент принятия этого решения, поскольку они очевидны из этого решения и другой информации в материалах дела, доступных суду.

4.2
Нарушение принципа незамедлительности в отношении свидетеля S20?

4.2.1
Заявитель утверждал, что принцип незамедлительности был нарушен, поскольку решение о статусе в отношении свидетеля S20 было вынесено следственным судьей г-ном М.Л. Руйтером, в то время как апеллянт и государственный обвинитель были заслушаны следователем г-ном Р. ван Зейст-Репелаером. ван Дриэль о претензии на статус.

4.2.2
Суд установил, что апеллянт был заслушан следственным судьей г-ном Ван Зейст-Репелар ван Дриел и что решение о статусе в отношении свидетеля S20 было вынесено следственным судьей г-ном Руйтером. Это, похоже, не соответствует намерению законодателя, который в Законе о защите свидетелей отводил ведущую роль следственному судье. Важной частью законодательного регулирования является заслушивание всех сторон, участвующих в рассмотрении иска или просьбы о сокрытии личности свидетеля, чтобы следственный судья мог учесть их мнение при принятии решения. В этом свете следственный судья, то есть следственный судья, который принимает решение по иску или запросу, должен принимать во внимание аргументы сторон.9 Таким образом, следственный судья действовал вопреки второму абзацу статьи 226a Уголовного кодекса. Вопрос в том, каковы должны быть последствия этого.

4.2.3
В этом случае его адвокаты выступили от имени заявителя во время встречи 12 марта 2021 года перед допросом магистрата г-на Ван Зейст-Репелера ван Дриела в соответствии с письменным ходатайством, которое они представили, и то, что обсуждалось в дальнейшем. официальный отчет во время встречи. Просьба прилагается к этому официальному отчету, в котором все, что было выдвинуто от имени заявителя перед следственным судьей, буквально стало частью официального отчета. Г-н Руйтер имел возможность ознакомиться с этими документами, и, согласно оспариваемому решению, он сделал это в полном объеме.

4.2.4
Тогда вопрос заключается в том, соблюдение каких законных интересов было нанесено заявителю 10.в связи с тем, что решение было принято другим следственным судьей, нежели следственный судья, который слушал его по иску через своих адвокатов. Заявитель не оспаривал, пострадал ли он в результате такого развития событий, и если да, то в каких законных интересах. Например, он не утверждал, что некоторые вопросы, обсуждавшиеся во время встречи, не были или были неправильно включены в официальный отчет. Его адвокаты также выступили на основании ходатайства, приложенного к официальному отчету. Суд отмечает в этой связи, что, поскольку впечатления или наблюдения следственного судьи могут быть важны, например, эмоционального подозреваемого, В данном случае этого не могло быть, поскольку на встрече интересы истца представляли его адвокаты. Кроме того, ex officio суд не видит, уважать какой законный интерес защиты нанесло такое развитие событий. Таким образом, по мнению суда, то, что стремится гарантировать статья 226a, второй абзац, DCCP, а именно то, что следственный судья в полной мере учитывает мнения сторон, участвующих в его оценке иска о предоставлении статуса, было достигнуто. Тот факт, что решение в отношении свидетеля S20 было вынесено другим следственным судьей, а не следственным судьей, который заслушивал стороны по иску, не ведет, таким образом, к отмене этого решения в данном случае. Кроме того, ex officio суд не видит, уважать какой законный интерес защиты нанесло такое развитие событий. Таким образом, по мнению суда, то, что стремится гарантировать статья 226a, второй абзац, DCCP, а именно то, что следственный судья в полной мере учитывает мнения сторон, участвующих в его оценке иска о предоставлении статуса, было достигнуто. Тот факт, что решение в отношении свидетеля S20 было вынесено другим следственным судьей, а не следственным судьей, который заслушивал стороны по иску, не ведет, таким образом, к отмене этого решения в данном случае. Кроме того, ex officio суд не видит, уважать какой законный интерес защиты нанесло такое развитие событий. Таким образом, по мнению суда, то, что стремится гарантировать статья 226a, второй абзац, DCCP, а именно то, что следственный судья в полной мере учитывает мнения сторон, участвующих в его оценке иска о предоставлении статуса, было достигнуто. Тот факт, что решение в отношении свидетеля S20 было вынесено другим следственным судьей, а не следственным судьей, который заслушивал стороны по иску, не ведет, таким образом, к отмене этого решения в данном случае. а именно, что следственный судья полностью принимает во внимание мнения сторон, участвовавших в оценке им ходатайства о статусе, таким образом, по мнению суда, было достигнуто. Тот факт, что решение в отношении свидетеля S20 было вынесено другим следственным судьей, а не следственным судьей, который заслушивал стороны по иску, не ведет, таким образом, к отмене этого решения в данном случае. а именно, что следственный судья полностью принимает во внимание мнения сторон, участвовавших в оценке им ходатайства о статусе, таким образом, по мнению суда, было достигнуто. Тот факт, что решение в отношении свидетеля S20 было вынесено другим следственным судьей, а не следственным судьей, который заслушивал стороны по иску, не ведет, таким образом, к отмене этого решения в данном случае.

78

4.3
Нарушение обязанности заслушивания, как указано во втором абзаце статьи 226a, DCC в отношении свидетелей S20 и S40?

4.3.1
Заявитель утверждал, что отказ следственного судьи заслушать его дополнительно, через своих адвокатов, после статусных слушаний свидетелей S20 и S40, представляет собой нарушение обязанности быть заслушанным, как указано во втором абзаце статьи 226a DCC. .,

4.3.2
Суд прежде всего заявляет, что в соответствии со статьей 226a, вторым абзацем, Sv, заявителю должна быть предоставлена ​​возможность быть заслушанным по ходатайству о статусе. Закон не определяет, когда это нужно делать. В порядке заслушивания сторон, предложенного подателем апелляции, то есть сначала проведение собеседования со свидетелем, а затем заслушивание подателя апелляции, податель апелляции может ответить на то, что обсуждалось во время собеседования о статусе. В порядке, используемом следственным судьей, т. Е. Заслушивание апеллянта перед слушанием статуса, свидетелю можно противопоставить во время статусного слушания то, что выдвинул апеллянт, например, о том, следует ли рассматривать свидетеля как свидетеля, которому угрожают. . отмечены, надежность свидетеля или характер угрозы. У обоих заказов есть свои плюсы и минусы.

4.3.3
Теперь, когда закон не предписывает обязательный приказ, следственный судья решает, какой приказ является наиболее подходящим в конкретном случае для заслушивания сторон по иску. Таким образом, аргумент о том, что заявитель должен быть заслушан дополнительно после статусных слушаний, не поддерживается законом.

4.4
Не соответствовали требованиям статьи 226a, первого абзаца, преамбулы и пункта a, DCCP в отношении свидетелей S20 и S40?

4.4.1
Согласно статье 226a, первый абзац преамбулы и в соответствии с a, Sv, следственный судья приказывает, чтобы в случае допроса свидетеля его личность оставалась скрытой, если свидетель или другое лицо с целью сделать заявление: может считать себя находящимся под угрозой до такой степени, что есть основания полагать, что следует опасаться жизни, здоровья или безопасности либо разрушения семьи или социально-экономического существования свидетеля или этого другого лица, и свидетель указал, что он / она не хочет делать заявление из-за этой угрозы.

4.4.2
Заявитель утверждал, что следственный судья ошибочно решил, по крайней мере, недостаточно и / или непонятно мотивированным, что существует угроза в указанном выше смысле и что свидетели не хотели давать показания из-за этой угрозы. Заявитель утверждал, что не было установлено, что существует конкретная угроза, и что основная информация из отчетов о том, что следственный судья, участвовавший в оценке, является слишком общим и устаревшим.

4.4.3
Прежде чем принять решение в соответствии с разделом 226a DCCP, следственный судья должен провести расследование характера угроз, исходящих от данного свидетеля, и их достоверности. Чтобы иметь возможность предоставить статус свидетеля, которому угрожают, должна существовать объективная угроза, которая является достаточно конкретной. В постановлениях следственный судья посчитал, что вышеупомянутая угроза очевидна из фактов и обстоятельств, изложенных в материалах дела, из контекста, описанного в утверждениях прокурора, из фактов, в которых подозревается заявитель, а также из из сообщений самого свидетеля следственному судье о его / ее личности и его / ее личных обстоятельствах.

4.4.4
Исходя из следующих соображений, следователь счел существование конкретной и объективной угрозы правдоподобным с точки зрения показаний свидетеля S20:

«При оценке наличия достаточно конкретной и объективной угрозы следователь, прежде всего, принял во внимание личные обстоятельства свидетеля, описанные в конфиденциальном объяснении прокурором поданных требований, и обсудил их со свидетелем в то время. статуса слушания. Свидетель ранее был заслушан JIT через СБУ, украинского партнера Объединенной следственной группы (далее: JIT). Во время допроса свидетелю была присвоена так называемая вымышленная личность в соответствии с украинскими правилами, что означает, что свидетелю было присвоено вымышленное удостоверение личности, по которому его невозможно опознать. Ранее следственный судья постановлением от 5 июля 2019 года счел необходимым поделиться показаниями свидетеля, отправлены в JIT, а не включены в файл. Во время статусного допроса свидетель, среди прочего, но не исключительно, заявил о конкретной угрозе, направленной против него лично, и объяснил причины этого. В связи с упомянутой им угрозой (угроз) свидетель также прямо заявил, что не желает давать показания по настоящему уголовному делу, если его личность не будет скрыта.

В отчете об угрозах безопасности свидетелей в расследовании JIT-MH17 от декабря 2018 года прокуратура, ссылаясь на отчеты международных организаций и НПО, выявила риски, которые существуют для лиц, выступающих на политически острые темы на востоке Украины и в других странах. Российская Федерация. Из источников, на которые ссылается офицер в дополнение к настоящему иску от 4 февраля 2021 г., а также из недавнего отчета, на который ссылалась защита при слушании иска 12 марта 2021 г. (Отчет OCHCR о ситуации с правами человека в Украине , 1 августа 2020 г. - 31 января 2021 г.), Судя по всему, произвольные задержания (без связи с внешним миром), а также широко распространенные заслуживающие доверия утверждения о пытках и жестоком обращении все еще имеют место в самопровозглашенных «Луганской народной республике» и «Донецкой народной республике». В свете этого следственный судья считает, что описанные риски для свидетелей остаются неизменными. Вопреки тому, что утверждала защита, упомянутые источники не только касаются общей информации, которая не имеет отношения к позиции этого конкретного свидетеля, но и получающаяся картина действительно очень важна для оценки (также) для свидетеля существующей угроза».

4.4.5
Исходя из аналогичных соображений, следственный судья счел наличие конкретной и объективной угрозы правдоподобным с точки зрения заявления, которое должно быть сделано свидетелем S40, при том понимании, что в оспариваемом решении в отношении этого свидетеля (который был также назначен предполагаемой идентичностью JIT ) включает:

" Судья ранее в решении от 7 мая 2020 г. удерживал необходимые части заявлений, сделанных перед JIT, чтобы не вставлять файл. Во время статусного допроса свидетель заявил, среди прочего, об угрозе (ах), которые ему угрожают, и объяснил причины этого. Свидетель заявил, что он тоже столкнулся с этой угрозой ».

4.4.6
В частности, в отношении свидетеля S20 следственный судья также рассмотрел следующее:

«Чтобы обосновать угрозу свидетелю, прокурор специально указал на предмет, по которому будет допрошен свидетель. В ходе своего предыдущего допроса свидетель заявил 17 июля 2014 года примерно в 12:20 в супермаркете [имя 1] в [место 1], что он видел низкорамный погрузчик с системой, покрытой сеткой, которая система он / она позже распознал 90% как БУК на фотографии в СМИ. Свидетель также дал показания о том, что он слышал от жителя села [место 2] о месте, где якобы была запущена ракета. По этим причинам показания свидетеля могут рассматриваться как инкриминирующие сторонам конфликта на востоке Украины, которые могут быть заинтересованы в исходе уголовного расследования.» .

4.4.7
В частности, в отношении свидетеля S40 следственный судья также рассмотрел следующее:

« Прокурор специально упомянул тему, по которой будет допрошен свидетель, чтобы обосновать угрозу, которая существует для свидетеля. Свидетель заявил на своих предыдущих допросах, что 17 июля 2014 г., примерно между 16:00 и 17:00 к югу от [место 1], он наблюдал запуск ракеты и инверсионный трек, за которым последовал клуб дыма. и падение обломков. Свидетель также дал показания о «[имя 2]», который мог бы быть в [месте 1], и о том, что он видел пусковую установку в центре [место 1] и людей вокруг нее. По этим причинам показания свидетеля могут рассматриваться как инкриминирующие сторонам конфликта на востоке Украины, которые могут быть заинтересованы в исходе уголовного расследования.» .

4.4.8
Суд должен оценить, мог ли следователь разумно прийти к этим решениям. Этот тест на разумность ограничивается пониманием мотивации этих решений.

4.4.9
Суд считает, что в соответствии с постановлением следственного судьи и свидетель S20, и свидетель S40 заявили о конкретных угрозах в адрес их личности, которые связаны с заявлением в уголовном деле против заявителя. В своих предыдущих показаниях JIT оба свидетеля конкретно указали на факты, которые могут иметь значение в этом уголовном деле.

4.4.10
При оценке угрозы следственный судья принял во внимание, среди прочего, `` отчет о рисках безопасности свидетелей в расследовании JIT-MH17 '' от декабря 2018 года, в котором прокуратура, ссылаясь на отчеты международных организаций и НПО, выявлены риски, которые существуют для лиц, выступающих на политически чувствительные темы на востоке Украины и в Российской Федерации, а также в «Докладе о ситуации с правами человека в Украине, 1 августа 2020 г. - 31 января 2021 г.» Управления Верховного комиссара ООН по делам США. Наций по правам человека (УВКПЧ). Вопреки тому, что утверждал заявитель, нельзя увидеть, что следственный судья не имел права включить эту информацию в свою оценку. Хотя это общая информация, который не имеет прямого отношения к свидетелям по этому делу и, следовательно, не является решающим, но эта информация не является несущественной для оценки характера и правдоподобности угрозы (угроз), на которую ссылаются свидетели. Суд не следует аргументу истца о том, что, исходя из аргументов следственного судьи, любой свидетель, который дает показания по этому делу, может или должен рассматриваться как свидетель, которому угрожают. В конце концов, угроза по смыслу статьи 226a, первого абзаца, преамбулы и согласно a, Sv определяется не только на основе общей оценки угрозы, которая следует из вышеупомянутых отчетов. Для этого особенно важно, что говорят свидетели о конкретных,

4.4.11
В указанных отчетах говорится, что в Украине имеют место крупномасштабные нарушения прав человека, совершаемые всеми сторонами конфликта, в том числе гражданскими лицами, и что существует риск для людей, выступающих на политически острые темы в Украине и в Российской Федерации. Обновления УВКПЧ, на которые ссылались и апеллянт, и прокурор, показывают, что произвольные задержания и заключение без связи с внешним миром продолжают существовать на оккупированных территориях восточной Украины. Заявитель утверждал, что недавние обновления УВКПЧ показывают, что ситуация с безопасностью значительно улучшилась и значительно меньше задержаний, связанных с конфликтом.сообщали о случаях таких задержаний, а не об уменьшении фактического числа случаев. Информация УВКПЧ также показывает, что задержанных, связанных с конфликтом, заставляют подписывать заявление о том, что им не разрешается предоставлять информацию о своем задержании. Как бы то ни было, фактом является то, что произвольные задержания и содержание под стражей без связи с внешним миром в связи с конфликтом все еще существуют и что ситуация с безопасностью в этом смысле существенно не улучшилась.

4.4.12
По мнению суда, следственный судья, таким образом, достаточно обосновал свои решения. Решения показывают, что следственный судья изучил характер предполагаемых угроз и их достоверность. От следственного судьи нельзя требовать более подробного описания фактов и обстоятельств, представленных свидетелями, ввиду необходимости сокрытия личности

79

4.5
Нарушение требований соразмерности и субсидиарности в отношении свидетелей S20 и S40?

4.5.1
Заявитель утверждал, что решения следственного судьи ошибочно не подтверждают соблюдение требований соразмерности и субсидиарности. С этой целью истец утверждал, что, по-видимому, более легких средств, чем полная анонимность, недостаточно, и что следственный судья не учел значение свидетельских показаний для построения доказательств в уголовном деле против заявителя. Суд считает, что этот аргумент относится к субсидиарности, поэтому он не будет принимать во внимание пропорциональность, указанную ниже.

4.5.2
Из истории разработки Закона о защите свидетелей можно сделать вывод, что применение изложенных в нем положений должно соответствовать требованию субсидиарности. Это означает, что используемые средства (обязательство давать показания в случае серьезной угрозы) должны быть практически единственным средством удовлетворения интересов (предотвращение уголовных преступлений или право на справедливое судебное разбирательство). 11

4.5.3
Следственный судья учел в своих постановлениях:

« Вопреки тому, что утверждает защита, предоставление статуса свидетеля, которому угрожают, не нарушает требований соразмерности и субсидиарности. Нет места для оценки необходимости заявления свидетеля в контексте доказательств […], поскольку суд - по требованию защиты - просто назначил этот допрос. Менее далеко идущие меры не могут адекватно защитить интересы свидетеля ».

4.5.4
Таким образом, по мнению суда, следователь истолковал критерий субсидиарности в понятной манере. Следственный судья правильно предположил, что ввиду постановления суда он / она не может воздержаться от заслушивания свидетелей. Это не меняет того факта, что следственный судья полностью рассмотрел вопрос о субсидиарности и оценил, могут ли свидетели быть заслушаны менее далеко идущими мерами, чем полная анонимность.

4.5.5
Следует учитывать, что необходимость сокрытия личности свидетеля может означать, что конкретные факты и обстоятельства, на основании которых следователь пришел к своему заключению, кратко изложены. Следовательно, нельзя ожидать, что следственный судья представит дополнительные причины для решений по этому вопросу, чем это было сделано сейчас.

5Заключение
Суд приходит к выводу, что нет никаких дефектов в принятии решений, которые должны привести к аннулированию, и что следственный судья мог разумно решить предоставить свидетелям S20 и S40 статус свидетеля, которому угрожают. Следовательно, апелляции должны быть отклонены.

6Решение
Суд отклоняет жалобы.

Такое решение в палатах приняли:

г-н AM Boogers, председатель,

г-н Б.В. Малдер, судья,

г-н MT Renckens, судья,

в присутствии г-на М. ван Хаалема, регистратора,

и объявлен 20 сентября 2021 г.

Это решение подписывают председатель и регистратор.

Против этого решения нет обычных средств правовой защиты.

80

Приложение : статьи 226a - 226f Уголовно-процессуального кодекса

Статья 226а

1. Следственный судья должен распорядиться либо ex officio, либо по запросу прокурора, либо по запросу подозреваемого или свидетеля, чтобы его личность была скрыта во время допроса этого свидетеля, если:

свидетель или любое другое лицо, с учетом заявления, которое должен сделать свидетель, может считать, что ему угрожают таким образом, что разумно предположить, что жизнь, здоровье или безопасность или нарушение семейной жизни или следует опасаться социально-экономического существования этого свидетеля или другого лица, и

б. свидетель указал, что он не желает давать показания из-за этой угрозы.

В противном случае он отклоняет претензию или просьбу.

2. Прокурору, подозреваемому и свидетелю предоставляется возможность быть заслушанными по этому поводу. К свидетелю, который еще не получил юридической помощи, добавлен адвокат. Дополнение производится по приказу следственного судьи коллегией совета юридической помощи.

3. Следственный судья не может приступить к допросу свидетеля до тех пор, пока еще открыта апелляция на его решение, и, если она была подана, до тех пор, пока она не будет отозвана или по ней не будет принято решение, за исключением случаев, когда интерес расследования не оправдывает отсрочка принятия решения. В этом случае следственный судья хранит официальный отчет о допросе свидетеля до вынесения решения по апелляции.

Статья 226b

1. Решение следственного судьи, вынесенное в соответствии с подразделом 1 статьи 226a, должно быть мотивировано, датировано и подписано и должно быть немедленно уведомлено в письменной форме прокурору и вручено подозреваемому и свидетелю с указанием срока, в течение которого и способ подачи средств правовой защиты против решения.

2. Жалоба на решение может быть подана прокурором в течение четырнадцати дней с даты вынесения решения, а подозреваемым и свидетелем - в течение четырнадцати дней после его подачи в суд по фактам, в котором рассматривается дело.

3. Суд решает как можно скорее. Если апелляция на постановление, вынесенное в соответствии со статьей 226a, первый абзац, будет сочтена обоснованной и следственный судья уже допросил свидетеля с должным соблюдением статей 226c-226f, следственный судья гарантирует, что официальный отчет допроса свидетеля уничтожен. Следственный судья составляет официальный отчет об этом. Статья 226f применяется с соответствующими изменениями.

4. Кассационная жалоба на решение суда не допускается.

5. Если по апелляции будет окончательно решено, что свидетель является свидетелем под угрозой, члены суда не будут участвовать в допросе в суде под угрозой признания недействительным. Пункт третий статьи 21 не применяется.

Статья 226c

1. Перед допросом свидетеля, которому угрожают, следственный судья знакомится с его личностью и заявляет, что он сделал это в официальном отчете.

2. Свидетель приводится к присяге или вызывается в соответствии с положениями статьи 216.

3. Следственный судья допрашивает свидетеля, которому угрожают, таким образом, что его личность остается скрытой.

Статья 226d

1. Если этого требуют интересы сохранения личности свидетеля, которому угрожают, следственный судья может принять решение о том, что подозреваемый или его защитник или оба они не могут присутствовать на допросе свидетеля, которому угрожают. В последнем случае прокурор также не имеет права присутствовать.

2. Если следователь не присутствовал на допросе свидетеля, следователь должен как можно скорее проинформировать прокурора, подозреваемого или его защитника о содержании показаний, сделанных свидетелем, давая ему возможность быть свидетелем. заслушан свидетелем с помощью телекоммуникаций или, если это не в интересах сокрытия личности свидетеля, которому угрожают, заявить в письменной форме вопросы, которые он желает задать. Если интересы следствия не позволяют отложить допрос, вопросы могут быть заданы уже до начала допроса.

3. Если следственный судья препятствует тому, чтобы ответ свидетеля, которому угрожали, довести до сведения прокурора, подозреваемого или его защитника, следственный судья должен указать в официальном протоколе, что на вопрос, заданный свидетелем, которому угрожали, был дан ответ. .

Статья 226e

Во время допроса следователь проверяет достоверность показаний свидетеля, которому угрожали, и учитывает это в официальном протоколе.

Статья 226f

1. Следственный судья должен, насколько это возможно, по согласованию с прокурором, принять меры, которые разумно необходимы для проверки личности свидетеля, которому угрожают, и свидетеля, против которого ходатайство или требование, как указано в статье 226a, в первую очередь параграф, был подан до тех пор, пока не было принято окончательное решение по этому поводу.

2. Для этой цели он имеет право не указывать информацию о личности свидетеля в процессуальных документах или анонимизировать процессуальные документы.

3. Анонимность подписывается или удостоверяется следственным судьей и секретарем суда.

1stb. 1993, 603.

2Суд Гааги 23 апреля 2020 г., ECLI: NL: RBDHA: 2020: 3699.

3Парламентские документы II 1991-92, 22 483.

4См., Например, Апелляционный суд Амстердама, 20 марта 2019 г., ECLI: NL: GHAMS: 2019: 946 и 24 июня 2020 г., ECLI: NL: GHAMS: 2020: 2473, Гаагский суд, 6 августа 2020 г., ECLI: NL: GHDHA : 2020: 1410, Окружной суд Амстердама, 1 сентября 2020 г., ECLI: NL: RBAMS: 2020: 4402, и Окружной суд Гааги, 2 марта 2021 г., ECLI: NL: RBDHA: 2021: 1880.

5Парламентские документы II 1991-92, 22 483, № 3, стр. 16, № 6, с. 8, и № 8, с. 4.

6Верховный суд 30 июня 1998 г., Нью-Джерси 1999, 88, основание 6.3.5.

7Парламентские документы II 1991-92, 22 483, № 3, стр. 43.

8Парламентские документы II 1991-92, 22 483, № 7, стр. 8.

9Сравните Верховный суд (гражданская палата) 31 октября 2014 г., ECLI: NL: HR: 2014: 3076, о принципе незамедлительности в гражданском судопроизводстве.

10Сравните с Верховным судом от 28 января 2014 г., ECLI: NL: HR: 2014: 180, о последствиях нарушения третьего абзаца статьи 322 Уголовного кодекса.

11Парламентские документы II 1991-92, 22 483, № 3, стр. 5-6.

81

Резюме на сайте суда https://www.courtmh17.com/nieuws/2021/t … uigen.html

Второе решение по апелляции свидетелей, которым угрожали
Суд постановил, что статус свидетеля, которому угрожали, был предоставлен на правильных основаниях.
Сегодня, в понедельник, 20 сентября 2021 года, Окружной суд Гааги ответил на вопрос, правильно ли следственный судья (RC) предоставил статус свидетелей, которым угрожали, двум свидетелям по уголовному делу MH17. РК решил сделать это по запросу прокурора. Один из подозреваемых впоследствии обжаловал решение РК.

Суждение
Суд постановил, что статус свидетеля, которому угрожали, был предоставлен на правильных основаниях. РК достаточно обосновал наличие угроз и, как следствие, свидетели хотят только анонимных заявлений. РК изучил досье, отчеты о ситуации с безопасностью на востоке Украины и личные обстоятельства свидетелей.

В случае с одним из свидетелей решение РК не было принято правильным образом. В уголовном деле по MH17 фигурируют несколько РК. РК, принявший решение о статусе этого свидетеля, отличался от РК, который заслушивал адвокатов ответчика по поводу иска о статусе. Суд постановил, что слушание и решение должны были проводиться одним и тем же РК, но не налагает на это никаких дополнительных последствий. РК, принявший решение, принял к сведению аргументы адвокатов против другого РК и включил это в решение.

Решение суда означает, что личности этих двух свидетелей будут скрыты. Это второе постановление по делу об угрозах свидетелей по уголовному делу MH17. Ранее суд постановил, что РК справедливо предоставил статус свидетеля, которому угрожали, еще двенадцати свидетелям.

Решение других судей
Решение было принято не судьями, которые рассматривают существо уголовного дела MH17, а другими судьями. Это требование закона. Судьи, рассматривающие дело по существу, в конечном итоге решают, что означают показания свидетелей, которым угрожали, для уголовного дела.

82

De zitting gaat verder op maandag 1 november 2021 om 10:00 uur.
При условии, что расследование следственного судьи завершится до 1 ноября 2021 года, его результаты будут обсуждены 1 ноября 2021 года.


Вы здесь » MH17: как и кто? » Суд » Новости: Суд.